Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VAN IK EN G ij. yf

Wijsgeerte, geen enkelen ftap buiten derzelvetömperking zouden durven waagen.

Wanneer de leesgraagte indiervoegen opgewakkerd wordt, dat wij in ftaat zijn, om meer over deeze ftoffe te kunnen zeggen, zullen wij nog het een en ander in een volgend ft uk vcr« handelen.

van IK en G IJ.

bene onontbeerlijke verhande»' ling; tot het voorgaande betrekking hebbende.

Er ligt zo veel grootheid, zo veel onbegrijplijk^ in de Natuur opgellooten, en echter is de oplosfing van alle deeze raadzels ons veel nader bij* dan wij zelf ons verbeelden.

Ik en Gij zijn twee gewigtige woorden»

en geeven ons menige opheldering, ten opzigtd van de allerdonkerfte geheimen.

Wat toch is Ik zonder Gij? Wat anders,

dan een op zig zelf ftaaude , eenvormig Wezen? ■— Zulk een Wezen heeft de Natuur niet voortgebragt! ~ De wetten der Natuur zijn ver* eeniging en verbindtenis.

■ De werken der Godheid beftaan in eene aanëénfchakeling. Rampzalig dat Wezen, 't welk? van den keten der dingen afgefcheurd is!'

Sluiten