Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

iv INLEIDING.

kunnen onderscheiden, welke Godsdienst wy toecedaan zyn, niet tegenjlaande dat wy zeerwel, voor die wy beleiden, durven uitkomen ; maar de rede, ons in dit werkje daar toe nopende, is,om dat het wel ras als ketters en fcheurmakende even als zo veel andere werkjes uit de handen der Lezers gerukt zouden worden, welk lot het noch wel meer als eenmaal zal ondergaan , gemerkt ons oogmerk is de Roomfchen te overtuigen, en door hunne eige ondervinding beter als andere gezinden, te doen oordeelen in hoe verre onze berekeningen ge' grond of valsch zyn.

Wy beöogen zelfs de Roomfche Religie te bevoor'deelen; want indien de giften en gaven en geduurig geld geven door ons plan mogten een einde neemen, zullen zekerlyk veele abuizen van zelfs vervallen.

Tcrwyl. het ons bekend is, hoe weinig de Roomfche Ar min tot beaeenng p-f^-Ut nnf groot/ie doelwit aan onze medevaderlanders voor te fielten, ten eerjïen: de groote inkomsten door het geduurig geven aan de Priesters en aan de Roomfche Kerken, en ten tweeden: een plan om de Armen ten minsten zoo veel enderfland, als de meest bemiddelde Gezindheeden van dit Gemeenebest bekomen, te verfchaffen.

Ons voorneemen hier op gegrond zynde, zullen wy den haat van onzt vyanden niet vreezen en ons zeer gelukkig achten, zo wy mochten flagen om tot eenig nut van de Maatfchappy te zyn; de armen .een beter lot bezorgt te ■ hebben, en het geld in ons Land te behouden, daar tene algemeene bezuiniging zeer nodig is , om de ongelukkige, ja fchier niet ts bovenkomende fchadens en verliezen te herfiellen.

Sluiten