Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VOORBERICHT. v

bock by het onderwys van kinderen in den Godsdienst, nog het gebrek, dat hy niet volledig is. Verfcheiden waarheden en pligten der Christelykc leere, welken het kind daaruit vooral diende te keren, en ook móet weeten, wanneer het kundig zal zyn in de leere welke 'het eenmaal openlyk voor de menfchen zal belyden, ftaan daar of in 't geheel niet in, of worden Hechts als ter loops en van ter zyden voorgedraagen en ingefcherpt. Wil nu deleeraar het kind niet geheelënal onkundig laaten in datgeen 't welk hetzelve noodigst en nuttigst is tc weeten, zo moet hy, by den Katechismus, altyd eene zelföntworpene en gefchrevene vollediger onderrichting gebruiken; of hy moet aan de geheugenis van zyn' leerling zo veel toevertrouwen, dat hy zich vergenoegen kan het ontbreekende Hechts zorgvuldig en in zekere klasfen aan haar ter verdere getrouwe bewaaring te hebben overgeleverd. Beiden hebben reeds ,opzichzclven genomen, groote zwaarigheden in zich , en het verHand, of het hart, van het kind, heeft 'er ook wezendlyk nog geen voordeel by.

Men zou , derhalve, hoogst eigenzinnig of partydig moeten zyn, indien men wilde ontkennen, dat het den Heidelbergfchen Katechismus ontbreekt aan de twee deugden van eene gebruikbaare Godsdienstönderwyzing; naamelyk: bevatbaarheid en volledigheid.

Maar,-in hoe verre nu dceze gebreken door de tegenwoordige proeve eener bevatbaarer en volle* a di-

Sluiten