Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ZANGSPEL. 5 Dan zonder fchrootn recognofceren Op 't territoor, dat ik bewaak, Opdat hy ftout zich meester maak' Van myne buit? ik wil hem zweeren... Ik zal...

FANCHETTE.

Wat zal je?

MARTYN , van bintten.

Ik kom ; 't is klaar. COLYN, Martyn koerende, neemt zyn gei eedfchap, My daadlyk aan het werk begeeveu.

FANCHETTE.

Dat's goed, Colyn, De baas is daar. Toe, fchielyk, werk; en maakt hy leven,

Of knort hy, dv-e of jy 't niet hoort,

Werk maar geduurig vlytig voort. Verftaje wel?

C O LYN.

Ja, wil niet fchroomen. Ik zai 't wel fchikken. 'k Zie hem komen.

TWEEDE T O O N E E L.

MARTYN, COLYN, FANCHETTE. MARTYN, wet een bos hoepels en eenige tienen, op een' knorrigen toon. Fanchett', wat doe je? en jy, Colyn?

COLYN, zingende, by zlchzelven, de volgende woorden op de wyze van het Lied: zo ge ooit metfcUullen zyt bezwaard. Ik zie, ik zie , Fanchette altyd. Aan 't werk, met onvermoeide vlyt.

A 3 FA«'

Sluiten