Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

X 64 X-

Zo men, na het geen ik hier gezegd heb, zich mogt fchynen te verwonderen, dat ik in zodanige omftandigheden myne ontflag niet nam, alsdan zoude myn antwoord in de ziel van ieder man van eer te

vin-

eerst door den vyand moest heen geflagen worden, nam de Tribuun dit op zich, en toen hy zich aan het hoofd der manfehap, tot deze onderneming beftemd , plaatfte, verwit" tigde hy hen met weinig woorden, van de plaats, waar heênhy hen zou geleiden, de rede, waarom dit moest gefchieden, en eindigde zyne Aanfpraak op deze wyze: — „ Eo eun„ dum eft, mïlites, unde red'ire mn necesfe eft! " — „ Wy moesten daar henen gaan, Soldaten, maar dat wy 'er „ van terug komen, is niet noodzaakelyk." — Dit nieuw, Terheven denkbeeld, het welk, even gelyk alles, het geen zodanig mag genaamd worden, niets anders is, dan het voordbrengfel van een diep gevoel, ontvlamde het Krygs▼olk ten aUerfterkften, en was van dat gevolg, dat deze onderneming met een gelukkigen uitflag bekroond werd, gelyk jnen daar van met reden kon verwagten, en deze ook met het volfte recht verdiende.

Deze verheven woorden van dien Romein heb ik van jongj aan in myn geheugen tragten in te prenten. Ik herinnerde my dezelve, toen ik voor de eerfte maal onder het gewelf der Stads-poort van Frankfort doorreed. — Dan, de overtuiging van myn geweten, dat ik, dezelve fteeds voor oogen houdende, in alles, wat in myne hoedanigheid, als Militair, van my gevorderd is, en wel voornaamelyk in de alleszins zorgelyke omftandigheden , waar ik my te Frankfort bevond , in welke Stad ik my ten vollen overeenkomstig dezelve gedroeg, hoe zeer ik aldaar, gelyk allen, die hier van genoegzaam

Sluiten