Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zoo iemand aan den tafeldans, en er is alle kans, dat hij zoo'n advertentie naar boven brengt.

13. DE MODE IN DE GEESTENWERELD.

Hiermede bedoel ik niet, onbescheiden inlichtingen te geven omtrent het veelkleurig omhulsel van sterrestof en meteorenglans, dat volgens den dichter onsterfelijke zielen kleedt in het hiernamaals. Integendeel. Het is alleen mijn voornemen erop te wijzen, hoezeer de manifestaties der „geesten" in de spiritistische séances aan mode onderhevig zijn geweest. Het is begonnen met klopgeluiden. Daarop volgde de tafeldans. Die beide heb ik in vorige artikelen besproken. Uit den tafeldans ontwikkelde zich het schrijvend mediumschap. Toen men eenmaal geleerd had, dat een tafel door tikken met één poot woorden en zinnen kon spellen, trachtte men de methode te vereenvoudigen: men vervaardigde een miniatuur tafeltje, eigenlijk een plankje op pootjes waar een potlood door stak. Het medium legde één hand erop, en zie! Het ging bewegen en schreef! Na deze methode kwam men er al spoedig toe het plankje weg te laten en het potlood rechtstreeks aan het medium ter hand te stellen. Die hand ging dan schrijven, onwillekeurig, ja, vaak tegen den bewusten wil van het medium in: de fluidieke hand van een geest voerde de materieele hand van het medium, heette het. Men kan zich voorstellen, dat er heel wat op die wijze geschreven is geworden. Elk eenigszins nerveus aangelegd mensch toch is in staat door oefening, zeer tot schade van zijn eigen psychisch evenwicht, een verdubbeling van zijn persoonlijkheid te bereiken, voldoende voor het „mediamieke schrift". Boekdeelen vol „openbaringen" zijn op die wijze samengesteld. Een Fransch burgermannetje, door de bevlieging verrukt, heeft onder den mysterieuzen schuilnaam Allan Kardec een half dozijn werken vervaardigd, die een soort synthese van het spiritisme brengen. Een zoetige, half nuchtere, half pseudo mystieke leer, die zich tot de waarachtige mystiek en het traditioneele occultisme verhoudt als warme slemp tot Bourgogne. Als reactie op het materialisme van 1848 voelden velen zich aangetrokken tot deze leer, die in al haar weeïgheid iets troostends had en aan de hoopvolle verwachtingen op onsterfelijkheid die ieder mensch eigen zijn, een schijnbaar onweerlegbare

Sluiten