Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BIJLAGE IV.

INSTELLINGEN DER DEPARTEMENTEN.

De Maatschappij telde Maart 1934 : 3o3 departementen met 25658 gewone leden en begunstigers, 8 vereeniging-leden, 95 eereleden, 80 algemeene leden en de volgende instellingen :

3 ambachtsscholen. 7 badinrichtingen. 3 begrafenisfondsen. 81 bewaarscholen.

2 bibliotheken.

41 bibliotheken voor jongelieden. 2 boekhoudcursussen.

1 bureau voor rechtsbijstand. 1 commissie tot wering van armoede.

1 commissie voor beroepskeuze. 1 comm. voor vermeerdering ledental.

1 commissie voor uitdeeling van levensmiddelen.

2 commissiën voor onderwijsbelangen.

2 commissiën voor schoolvoeding. 9 commissiën voor volksvoordrachten.

1 cursus voor electrotechniek.

1 cursus voor volwassenen.

3 cursussen in handenarbeid.

2 cursussen in koken en huishouden. 3i cursussen jeugdwerk.

6 cursussen voor eerste hulp bij ongelukken.

4 cursussen v. nijverh. onderwijs.

10 cursussen voor Ons Huiswerk.

2 cursussen voor vervolgonderwijs.

11 cursussen v. vrouwel. handwerken.

2 dorpshuizen.

5 esperantocursussen. 1 fanfarecorps.

19 floraliavereenigingen.

9 gymnastiekscholen. 16 huisvlijtcursussen.

18 hulpbanken.

2 hypotheekbanken.

26 inrichtingen voor tuingrondverhuring.

1 inrichting voor volksonderwijs. 1 jeugdleidersinstituut. 8 kinderbibliotheken.

6 kinderleeszalen.

1 kiosk voor goede en goedkoope lectuur.

1 knipcursus.

2 kweekscholen voor onderwijzeressen(ers).

15 lagere scholen.

1 landbouwcursus. 10 leesgezelschappen.

5 leeszalen voor jongens en meisjes. 1 lijfrente kas.

1 montessorieschool. 1 muziekgezelschap.

16 naai- en knipcursussen.

7 naaischolen.

1 onderlinge brandwaarborgmaatschappij.

1 ondersteuningsfonds.

2 ontwikkelingscursussen. 4 openluchtbibliotheekjes.

1 pensioenfonds.

2 proeftuinen voor den landbouw. 1 renbaan.

7 schoolbibliotheken. 1 schoolbioscoop.

Sluiten