is toegevoegd aan uw favorieten.

Marsilio Ficino

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van de eucharistie (p. 882). Over de priesterwijding en het sacrament van boete en biecht sprak Ficino slechts terloops, over de andere sacramenten nooit. Over de hel geeft hij geen uitvoerige uiteenzetting. Hij kon zich niet indenken, dat een goddelijke ziel ooit verloren kon gaan. Een enkele maal noemt hij het purgatorium, klaarblijkelijk in accomodatie aan de kerkleer (p. 62, 67, 867). Aan mirakelen heeft Ficino zeker geloofd, doch zich kritiek voorbehouden, wanneer er geen overvloedige bewijzen van competente ooggetuigen waren. Beschermengelen heeft ieder; zij zijn gelijk te stellen met de door Plato in de „Gorgias" genoemde numina (p. 447). Toen zijn vriend, de arts Mazzinghi, een bedevaart naar Notre Dame de Loreto ging maken, prees Ficino hem en gaf hem een gunstige horoscoop voor zijn reis mede (p. 952). Voor Maria heeft Ficino levenslang een bijzondere vereering gekoesterd. Reeds zijn vader had menigmaal de wonderbare hulp van de H. Maagd genoten en Ficino zelf werd enkele malen in hachelijke omstandigheden door vota aan Maria gered. Hij vereerde haar als de moeder van den Zaligmaker, als hoedanig zij tot de verlossing van den mensch medewerkte. Zij is door den Heiligen Geest overschaduwd geworden. De conceptio virginis is een mysterie voor het denken. Ficino veronderstelt dat deze plaats had öf tactu (gelijk bij de hoenders) öf aspectu (gelijk bij de struisvogels). Het infans in Maria was terstond na de conceptio volmaakt (p. 1044, 1050). Een lofzang op Maria heeft hij nooit gedicht, doch wel dien van Hierotheus hoog geprezen (p. 1050).

8