is toegevoegd aan uw favorieten.

Het geestelijk rituaal der vrijmetselaren onder het Groot-Oosten der Nederlanden

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Eerst in den derden graad ontbreekt de Geleider, de mensch heeft hem neergeslagen en gaat daardoor met open oogen in het duister; gedurende de reizen in de beide eerste graden, als hij voortdurend opwaarts streeft, volgt hij den Geleider wiens hand hem vasthoudt.

Als nu de Cand.\ in de D.\ K.\ heeft geleerd, dat hij zichzelven heeft te leeren kennen, als hij afstand heeft gedaan — zij het voor een oogenblik — van de begeerte naar het aardsche (afleggen der metalen), als hij de oogen binnenwaarts heeft gericht, dan zal zijn Geleider hem naar de Tempelpoort brengen en hem daar doen aankloppen; dan is de Cand.\ symbolisch in staat den Tempel binnen te gaan. Driemaal zal hij aankloppen als een onbeholpen profaan — nog niet met den rhythmischen V.\M.\slag — en bij iederen klop zal hij een spreuk hooren, die daarbij symbolisch uit zijn eigen binnenste opwelt.

„Zoekt en gij zult vinden,

Bidt en U zal gegeven worden,

Klopt en U zal worden opengedaan",

hoort hij zijn Geleider zeggen d. w. z. de Goddelijke stem in zijn binnenste.

Exoterisch kan men die spreuken beschouwen als beloften die onzerzijds aan den Cand.\ worden gedaan als hij zijn Geleider blijft volgen.

En hem wordt opengedaan; hij treedt den Tempel binnen, al is hij er zich nog niet volkomen van bewust, en hij zal door drie trappen van bewustwording (de drie graden) symbolisch het V.'.M.'.schap bereiken op het einde van den derden graad.

In dit hoofdstuk zal nu slechts zeer in het kort de beteekenis der drie graden in hun opvolging worden nagegaan om het onderling verband aan te toonen; in de volgende hoofdstukken zullen de graden meer in bijzonderheden worden bezien.

In den eersten graad dan worden de drie reizen gedaan,