is toegevoegd aan uw favorieten.

Het geestelijk rituaal der vrijmetselaren onder het Groot-Oosten der Nederlanden

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

In minder symbolische taal omgezet, zegt hij dus hiermede: „Dewijl het Goddelijk Licht hier in volle kracht straalt en het de tijd is om dat in aardsche taal uit te drukken, wijl alle profane gedachten zijn geweerd en allen zich hebben gewijd tot Ll.\ V.\M.\, zoo openen wij onze harten tot U, o 0.\B.\ d.\ H.\, opdat uw Woord uit de hemelen hier op aarde moge weerklinken."

In dit gebed, zooals het door mij is omgezet, zullen velen en wellicht niet ten onrechte iets dogmatisch vinden; het is niet wel anders mogelijk en sterk spreekt hier dan ook de kracht en zuiverheid der symbolische taal, waarin het gebed inderdaad wordt uitgesproken en waarin alle dogmatiek wordt vermeden, waarin aan ieder vrijheid wordt gelaten, het op te vatten zooals het door hem wordt aangevoeld.

Maar een gebed blijft het en de A.\ M.\ treedt hier uitdrukkelijk op als de priester, de priester voor vrije mannen die in naam van den 0.\B.\ d.\ H.\ de Loge, het menschelijk hart, opent.

De sluiting van de Loge in den eersten en tweeden graad vangt aan met een herhaling van de lichtsymboliek van het openingsrituaal omtrent de plaatsen der Opzz.-., doch eindigt die symboliek terecht met de vraag, waar de beide Opzz.-. zich vereenigen, en het antwoord wordt uitgebreid tot het volgende:

„Om de zon te aanschouwen bij haren ondergang, daarna de werkzaamheden te beëindigen, den arbeiders hun loon te geven en hen vergenoegd naar huis te zenden".

Op dit vierdeelige antwoord wordt ten zeerste de nadruk gelegd; vooreerst worden de vier deelen nog eens in vragen en antwoorden herhaald:

Is de Zon ondergegaan? De laatste stralen der Zon zijn verdwenen.

Zijn de werkzaamheden beëindigd? De werkzaamheden zijn beëindigd.

Hebben de arbeiders hun loon ontvangen? De arbeiders hebben hun loon ontvangen.