is toegevoegd aan uw favorieten.

Bijdrage tot de geschiedenis van de vrijmetselarij in Nederland

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bijlage H.

In het O.-, van 's Gravenhage den 20 Maart 1820.

FREDERIK Prins der Nederlanden, Grootmeester Nationaal der Orde van Vrijmetzelaren in het Koninkrijk der Nederlanden,

aan

alle B.-. B.-. S.-. P.-. R.-. t

te

Z. . E.-. B.-. B.-.

Gg die deze zult lezen, zult ook het stuk van den 24 Januari] 1820 p. s., hetwelk ik voor U geschreven heb, gelezen hebben, en U dus herinneren, dat ik daar op bl. 78 gezegd heb: „Nadat ik „U genoegzaam tijd gegeven zal hebben om dit stuk met ernst „te lezen, zal ik U eene Teekenplank zenden, waarin ik U zal „verzoeken uwe namen te teekenen; ik zal dezelve zoodanig „inrigten, dat mij daardoor uwe overtuiging duidelijk bekend „wordt, want het moet eenmaal beslist zijn, welke S.-. P.-. R.-. t O.-. U.-. M.-. geworden zijn, en welke S.-. P.-. R-. f blijven".

In dat stuk heb ik genoeg gezegd: heeft U dat niet kunnen overtuigen, dan zou het weinige, dat ik in deze Teekenplank kan schrijven, dit niet kunnen doen. En het is daarom, dat ik door dezen brief geen middel hoegenaamd ter uwer overtuiging wil aanwenden.

Onder dezen brief zult gy lezen hoedanig ik verlang, dat