is toegevoegd aan uw favorieten.

Hemelse verborgenheden (arcana coelestica) in de heilige schrift of het woord des Heeren, onthuld hier vooreerst die in genesis, alsmede de wonderlijke dingen, gezien in de wereld der geesten en in den hemel der engelen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van den Heer de grootste ontvangt, en wie de grootste begeert, de kleinste heeft; voorts dat er in de hemelsche vreugde nooit eenige verheffing is van den een boven den ander, en voor zooveel er zelfverheffing is, voor even zooveel er van de hel aanwezig is; verder, dat er in de hemelsche heerlijkheid niet het minste van wereldsche heerlijkheid is; al deze dingen staan het redelijke tegen, maar toch moet men het gelooven, omdat het waar is. Het is ook een Goddelijke waarheid, dat iemand des te wijzer is, hoe meer hij gelooft in het geheel geen wijsheid uit zichzelf te hebben, en dat iemand des te dwazer is, hoe meer hij gelooft uit zichzelf wijsheid te hebben en dus hoe meer beleid hij zichzelf toeschrijft. Ook dit loochent het redelijke, daar het meent dat wat niet uit hem komt, niets is. Er zijn ontelbaar vele dergelijke waarheden; uit deze, zij het ook weinige voorbeelden, kan blijken, dat men niet op het redelijke kan betrouwen, want het redelijke is in begoochelingen en schijnbaarheden, vandaar dat het van begoochelingen en schijnbaarheden ontbloote waarheden verwerpt, en dit des te meer, naarmate het meer in de eigenliefde en haar begeerten is, en in de redeneeringen, alsmede in de beginselen van het valsche over het geloof. Men zie ook, hetgeen boven in nr. 1911 is medegedeeld.

1937. Dat 'de woorden: „verneder u onder hare handen" beteekenen, dat Hij zich moest dwingen om zich onder de macht van dit ware te stellen, blijkt zonder nadere verklaring. Het zich vernederen is in de oorspronkelijke taal uitgedrukt door een woord dat verdrukken beteekent; uit zeer vele plaatsen in het Woord kan blijken, dat zichzelf verdrukken in den innerlijken zin zich dwingen is, over welke beteekenis in hetgeen volgt gehandeld zal worden. Dat de mensch zichzelf moet dwingen om het goede te doen, om de dingen te gehoorzamen welke van den Heer bevolen zijn, en om waarheden te spreken, dat is namelijk, om zich te verootmoedigen onder de handen des Heeren, of om zich te onderwerpen aan de macht van het Goddelijk goede en ware, bevat meer verborgenheden, dan in weinig woorden kan worden uitgelegd. Er zijn sommige geesten, die, zoolang zij in de wereld leefden, daar zij gehoord hadden, dat al het goede van den Heer uitging en de mensch uit zichzelf