is toegevoegd aan je favorieten.

Encyclopaedie van Nederlandsch-Indië

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BATAVIA (STAD)—BÉLOE.

237

ons, Tanahabang, Sënèn en Batavia (Heemradenplein). Het meeste goederenvervoer vindt plaats over de Westelijk gelegen lijn. Ben aanvang werd gemaakt met electrificatie van de liinMees-

ter-Cornelis—Sënèn—Priok, welke lijn in 1925 in gebruik zal worden genomen. Het ligt in de bedoeling, daarna ook de lijn Meester-Cornelis— Manggarai—Batavia—Priok en Këmajoran— Batavia te electrificeeren. Andere voorgenomen verbeteringen moesten om financieele redenen achterwege blijven.

Zeer groote verbeteringen op assaineeringsgebied hebben Batavia van een plaats, waar een of meer keeren per jaar groote en belangrijke stadsgedeelten onder water kwamen te staan en waar water af- en aanvoer hoogst gebrekkig waren, gemaakt tot een stad, die kan bogen op een zeer doelmatig aangelegd en behoorlijk functionneerend samenstel van werken tot bandjirbeteugeling, wateraf-en aanvoer en assaineering.De taak der gemeenten wordt in Indië steeds omvangrijker. De gemeente Batavia met zijn oppervlakte van rond 200 K.M.* legt daarvan ook getuigenis af. Dit spiegelt zich af in de begrooting, welke in totaal over ongeveer 10 millioen gulden aan uitgaven en hetzelfde bedrag aan ontvangsten loopt.

BATAVIA (BAAI VAN). Op de eilanden Onrust en Kuiper zijn quarantaine-stations gebouwd.

BATOE. In 1916 werd de contróle-afdeeling Batoe opgeheven en de districten Pënanggoengan en Ngantang gevoegd bij de contróle-afdeeling Malang. De voornaamste Europeesche nederzettingen zijn: in het district Pënanggoengan: Batoe (ter districtshoofdplaats Sisir) met het op ± 4 K.M. van daar gelegen badhotel Songgoriti (warme geneeskrachtige bron) en Poentën (onderdistrictshoofdplaats); in het district Ngantang: Poedjon (onderdistrictshoofdplaats) met het op ± 4 K.M. van daar gelegen Wilhelminabad te Lëbaksari. De nederzettingen Batoe en Poedjon breiden zich sterk uit en de hotels op die plaatsen trekken in de vacantiemaanden vele gasten.

BATOE BAPAHAT (= uitgebeitelde rots). Een in de rotsen uitgehakte waterleiding uit den Hindoe-tijd, bij Soeroasö (Pad. bovenlanden), 4 K.M. ten Z.O. van Fort van der Canellen. De

leiding, die water van de Sélo-rivier aftapt en naar Soeroasö voert, is door den dienst der B. O. W. van kunstwerken voorzien en geheel hersteld; Zij bevloeit een groot oppervlak sawahs nabij Soeroasö (tegenwoordig Saroeasö geschreven).

BATA KAPEDOE. Eertijds een zelfstandig landschap, thans, met behoud van zijn zelfstandigheid, als gemeente een onderdeel van het landschap Lewa in de onderafdeeling Midden-Soemba.

BATOEDAKA. Vroeger zelfbesturend landschap in de onderafdeeling Poso der res. Mënado, omvat een deel der Togian eil. (zie aldaar); bevolkingssterkte ± 2500 zielen. Bij Ind. Stb. 1916 No. 722 werd het als zelfstandig landschap opgeheven, het maakt thans deel uit van het landschap Oena-Oena.

BATOERADJA. Hoofdplaats van de afdeeling Ogan en Komëring-Oeloe der residentie Palembang. In 1918 werd de administratieve indeeling van de residentie Palembang gewijzigd en kreeg de afdeelinc Oran en KV,mX™„„_rwl„„ „„ *„„„„„

ging van de oncleratdeeling Komërine Ilir den 1

naam van Ogan Oeloe en Komëring. Deze indeeling is in 1921 (Ind. Stb. 1921 No. 465) wederom gewijzigd en de vroegere hersteld. Er ligt een detachement gewapende politiedienaren van 3 brigades onder een Europeesch hoofd-detachementscommandant. Het aantal inwoners van Batoeradja bedroeg in 1924: 1359, w.o 39 Europeanen, bijna 300 Chineezen en enkele andere Vreemde Oosterlingen. Door zijne bijzonder gunstige ligging aan de Ogan rivier bereikbaar voor groote handelsprauwen en hekwielers, Vormt Batoeradja het centrum van den handel van de boven Oganstreek, de Kiti en de Lëngkajap. Niet weinig heeft daartoe bijgedragen de aanleg van den Zuid-Sumatra spoorweg, die in 1916 van uit Praboemoelih begonnen, binnenkort beëindigd zal zijn, waardoor tusschen Batoeradja, dat in den Oostmoesson met hekwielers niet te bereiken is, en Palembang eene goede en vlugge verbinding tot stand komt.

Batoeradja is door zeer goede, breede, verharde wegen verbonden met Moeara Énim (110 K.M.), Moeara Doea (80 K.M.) en Martapoera (80 K.M.). Ook de wegen van uit Moeara Doea en Martapoera verder het binnenland in zijn uitstekend geschikt voor licht auto- en grobak-trans port.

BA WAL (IKAN). De gewone bawal itam is Stromate.ua niger. Deze zeer smakelijke zeevisch zwemt gewoonlijk op zijn kant, afwisselend links en rechts.

BAWANGIO (VLAKTE VAN), meer gebruikelijk Bangio of Pinogoe, in den bovenloop van de Bone-rivier, onderafdeeling Gorontalo. Zie CELEBES en BONE.

BËKASI. District van de afdeeling MeesterCornelis, residentie Batavia, met 108 desa's en ruim 162.000 inwoners, w.o. 30 Europeanen en 7500 Vreemde Oosterlingen. Het district telt 3 onderdistricten, t.w. Bëkasi, Tjilintjing en Tjibitoengen wordt geheel ingenomen door particuliere landerijen, toebehoorend aan Chineesche landheeren, die eenige vrij groote rijstpellerijen exploiteeren. Deze particuliere landerijen bestaan nagenoeg geheel uit sawahs en zijn dus rijstlanden. Enkele rubberondernemingen zijn mede in exploitatie. De districtshoofdplaats Bëkasi, jaren geleden afdeelingshoofdplaats, werd later standplaats van een controleur, doch sedert eenige jaren voert een districtshoofd het plaatselijk bestuur. Het district Bëkasi was tot voor 1922 zeer berucht om de aldaar heerschende criminaliteit, de politie heeft echter sedert den toestand in dit opzicht belangrijk verbeterd. De districtshoofdplaats heeft thans, behalve door den trein, ook geregelde verbinding met de afdeelingshoofdplaats Meester-Cornelis middels een geregelden particulieren autobusdienst.

BELOE.Onderafdeeling der afdeeling Noord- en Midden-Timor van de residentie Timor en O., bestaande uit het Gouvernementsgebied, gevormd door de vallei van Atapoepoe benevens de landschappen Béloe Tassi Fettoh en Malakka. Béloe Tassi Fettoh omvat de gemeenschappen Kakoeloek Mesak, Fialaran en Lamaknèn. Malakka omvat Dirma (Diroemah), Fatoe Aroein, Lakèkon, Waihale en Waiwikoe. Standplaats van den gezaghebber is Atamboea. Het grootste gedeelte der bevolking behoort tot de Emma Tétoen, dat zijn de menschen, die het Tétoen als voertaal bezigen, welke taal ook In een groot