Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

§ 131. Mystiek.

243

(Exegese, Sermones en Tractatus) en toonde zich ervaren in de scholastiek1). De oorzaak zijner dwalingen is een pantheïstische opvatting. Al trok hij zelf de consequentie niet, de Begharden en andere ketters deden het voor hem. Overigens is zijn vroomheid zeer innig, diep en eenvoudig, zijn stijl schoon, helder en duidelijk. Een leerling van Eckhardt is Joannes Tauler (t 1361). In Bazel werd hij bevriend met de Godsvrienden (Zal. Venturini de Bergamo, Merswin, Egnolfus, Margareta en Christina Ebner enz.) en predikte later onder veel toeloop te Straatsburg en Keulen. Zijn werken 2) waren preeken, Divinae institutiones, De novem statibus, Speculum lucidissimum, etc. Door Eek en anderen gelaakt, werd zijn leer echter door Dionysius den Kartuizer, Blosius enz. verdedigd. Zeer beroemd is de vrome Hcnricus Suso (f 1365). Ook hij studeerde onder Eckhardt te Keulen. In zijn eerste boek de Veritate tegen de Begharden en vrije geesten verbeterde hij de stellingen en zegswijzen zijns meesters. Later verschenen Horologium Sapientiae, Autobiographia, Epistolae, Sermones 3). Het eerstgenoemde werk, dat in het Duitsch werd gesteld en toen door Suso zelf in het latijn vertaald en vermeerderd, is zeer veel gelezen en in bijna alle tallen vertolkt. Suso is zeer eenvoudig en zalvend, zijn proza het schoonste dier tijden. De ongenoemde schrijver der Duitsche Theologie leefde in de XIV en XV eeuw te Frankfort en werkte de denk> beelden van Eckhardt uit. Hij leerde, dat God uit noodzakelijkheid schiep en de schepselen geen eigenlijk wezen bezitten. Het natuurlijke hcht des menschen is de booze geest, het hcht der genade is goed, en daarom de natuurlijke hefde boos, de bovennatuurlijke goed. Gehoorzaamheid is de vernietiging van eigen wil, van het eigen ik. Het schepsel moest niet willen. De volmaakte hefde is vereeniging met God, waardoor de mensch God en God mensch wordt. Dan is de mensch verheven boven wet, gebod en rede. Dit werk heeft Luther in 1518 uitgegeven en zeer geprezen 4).

*) Pfeiffer, Deutsche Mystiker, Leipzig 1857, Band II. Jostes, Meister Eckhart und seine Jünger, Freib. i. B. 1895. A. Jundt, Essai sur le mysticisme spéculatif du maïtre Echard, Strasbourg 1871. Dezelfde, Histoire du panthéisme populaire au moyen-age, Paris 1875.

2) Colonia 1548, in f. Zoepf, Margareta Ebner, Leipzig 1914.

3) Ed. Diepenbrock, Batisbonae 1829, 1837. Veel beter de onvoltooide van Denifle, München 1880. Wilms, Der S. Heinrich Seuse, Dülmen 1914.

4) Uitgave Pfeiffer, III druk, Gütersloh 1875. De Katholiek, D. XX, bl. 65.

Sluiten