Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

286

§ 137. Luther tegenover Paus en keizer.

tijd verscheen het geschrift De libertate christiana, dat tal van vroegere dwalingen herhaalde. Van Miltitz bracht deze boeken, die einde October 1520 gereed waren, met een schrijven van Luther naar Rome. Hier had men zeer lang, wellicht te lang getalmd. Eindelijk was den 15 Juni 1520 de beroemde bulExsurge Domine uitgevaardigd. Plechtig klonk de aanhef : ingeroepen werd de hulp des Heeren tegen de vossen, die den wijnberg verwoestten, het zwijn des wouds, dat hem vernielde. Dan noemde de Paus 41 stellingen op, die dwalingen bevatten vooral tegen : den vrijen wil, de erfzonde, de sacramenten in het algemeen, het geloof, de genade, de zonde, het berouw, de biecht, de goede werken, den aflaat, het vagevuur, de communie, het primaat, de excommunicatie en het gezag der algemeene synoden. Binnen 60 dagen moest Luther herroepen en anders de straf der notorische en hardnekkige ketters ondergaan 1).

3°. Met de afkondiging en uitvoering der bul belastte L e o X Hieronymus Meander2) en Joannes Eek, twee mannen niet minder trouw aan den H. Stoel als beroemd om hun talenten. Toch was de keuze van Eek, die als de groote tegenstander van Luther bekend stond, niet zeer voorzichtig. Reeds terstond moest hij ondervinden, wat moeilijkheden hem wachtten. Te Leipzig en Wittenberg rukten studenten de bul af. Eek werd persoonlijk bedreigd. De universiteiten van Weenen en lngolstadt toonden zich traag. Verschillende bisschoppen maakten moeilijkheden tegen de afkondiging der bul. Men zag het gevaar niet in. Luther hield zich eerst, alsof hij twijfelde aan de echtheid en voer uit tegen E c k, die de bul zou hebben verdicht. Daarna echter stortte hij al zijn gal uit tegen den Paus en schreef een hartstochtelijk pamflet „Tegen de verfoeilijke bul van den Antichrist" 3). Den 10 December 1520 hield hij te Wittenberg een optocht en verbrandde de bul, zeggende : „Wijl gij den Heilige des Heeren bedroefd hebt, daarom bedroeve en vertere U het eeuwige vuur."

J) Th. Harnack, Luthers Theologie mit besonderer Beziehung auf seine Versöhnungs-und Erlösungslehre, Erlangen 1862—86. Buil. Rom. ed. Taur. V, p. 748 ss. Raynald, ad an. 1520, no. 51 ss. Denzinger, IX, p. 175. Ed. X, No. 741 ss.

2) Pagnier, Jér. Aléandre, Paris 1900. P. Kalkoff, Aleander gegen Luther, Leipzig 1908. A. Virgili, Girolamo Aleandro, Arch. stor. It. t. XXXI (1903), p. 387 ss.

3) Adversus execrabilem Antichristi bullam, ed. Jen. II, 286b—292.

Sluiten