Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

296

§ 138. Luthers medehelpers en geschriften.

volger Adrianus VI (1522—1523) x). Geboren te Utrecht 1459 studeerde hij te Leuven, werd er professor en rector, later leermeester van Karei V, bisschop van Tortosa en stedehouder des keizers in Spanje. Geen Paus was met betere bedoelingen bezield. Aan het pausehjk hof heerschte onder hem eenvoud en strenge tucht, die echter aan tal van hchtzinnigen volstrekt niet beviel. Deze overgang van Alexander VI, Julius II en L e o X was den Romeinen te sterk. Zijn sparen werd gierigheid, zijn kerkehjke strekking tegenover de humanistische van L e o X botheid, zijn heivorming kleingeestigheid genoemd. Adrianus meende terecht, dat de kerkehjke verslapping de bron was van alle rampen. Daarom drong hij op een algemeene synode aan. De verzamelde stenden op den rijksdag te Neurenberg (1522—1523)2) zou de legaat Chieregati bewerken. Deze verklaarde, dat de zonden der geestelijkheid de schuld droegen van de bestrijding der Kerk ; hij beleed de misbruiken, die sedert waren ingeslopen aan het pausehjk hof, beloofde hervorming en vroeg voorstellen aangaande de maatregelen tegen de ketters. Niettegenstaande dit aUes vond de legaat bij de stenden geen vertrouwen. Al waren ook de vorsten voor het grootste deel tegen Luther, de pogingen werden verijdeld door hun raadslieden, die meestal aan de zijde van Luther stonden. Wel werd op den rijksdag besloten, dat Luther met de zijnen tot aan de synode zou zwijgen, dat het Evangelie zou worden gepredikt volgens de uitlegging der H. Kerk, dat alle afvallige monniken en gehuwde geestelijken hun vrijheden, privilegiën en beneficiën zouden verliezen en dat de wereldlijke overheid de geestelijke zou beschermen 3), doch niets werd onderhouden. Zelfs het rijksbestuur, gevestigd te Neurenberg sedert 1521, schond deze

x) Allereerst en vooral Pastor, Gesch. der Papste, IV, 2, S. 1—157, Freiburg i. Br. 1907. Domarus, Die Quellen zu Gesch. des Papstes Hadrian VI (Hist. Jahrb. der Görresges. (1895, S. 70 ff.). Pieper, ibidem, 777 ff. C. v. Höfler, Hadrian VI, Wien 1880. Burmann, Hadrianus VI, Trajecti ad B. 1727. Hier vindt men drie biographieën van tijdgenooten : Paulo Giovio, Moring en Ortiz. Zie ook Qachard, Correspondance de Charles V et d'Adrien VI, Bruxelles 1859. Cf. ook Reusens, Syntagma doctrinae theolog. Adriani VI, Lovanii, 1861. Anecdota de Vita et scriptis Hadriani VI, Lovanni 1862 Marchesi, Papo Adriano VI, Verona 1882. Huurdeman, De Nederlandsche Paus Adriaan VI. Naar het Duitsch van Pastor, Amsterdam (1908).

2) Deutsche Beichtagsakten. Jüngere Beihe, B. IH, S. 383—453.

») Edict van 6 Maart 1523.

Sluiten