Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

404

§ 155. Sociëteit van Jezus.

1874—1889. W. v. Nieuwenhoff, Leven van den H. Ignatius van Loyola, 2 dl., Amsterdam 1892—1898. H. Böhmer, Stud. z. Gesch. der Gesellschaft Jesu, I, Loyola, Bonn 1914. PachÜer—Duhr, Monumenta Germ. paedagogica, Tom. II, V, IX, XVI, Berlin 1887—1894. De Boeker, Bibliothèque des écrivains de la Comp. de Jésus, Tom. 3, Paris 1869—1876. Nouv. éd. (Carlos Sommervogél), 9 Tom., Paris 1890 ss. Astrain, Hist. de la Comp. de Jesüs en la Asistencia de Espana. Tom. I—VII, Madrid 1902—1925. Hughes S. J. Hist. of the society of Jesus in North America, vol. I, Text, London 1907— 17. Documents, vol. 1—2, London 1908—1910. P. Tacchi Venturi S. J., Storia della Comp. di Gesü in Italia, vol. I—II Boma 1910 —22. H. Fouqueray S. J. Hist. de la comp. de Jésus en France, Tom. I—V, Paris 1910—1925. Duhr, Gesch. der Jesuiten deutscher Zunge, 3 B. Freib. — Begensburg 1907—1921. Stoeckius, Forschungen zur Lebensordnung der Gesellschaft Jesu im 16 Jahrhundert, Stück I—III, München 1910—1912.

1°. Van alle nieuwe orden en congregaties dier dagen heeft zeker de Sociëteit van Jezus het meest bijgedragen tot een ware kathoheke hervorming. Haar stichter was de H. Ignatius van Loyola, geboren in 14911) uit een oud adellijk geslacht der provincie Guipuzcoa in Spanje. Eerst diende hij als page aan het hof van Ferdinand van Arragon, later als bevelhebber in het leger van Karei V en verdedigde met echt ridderlijke heldhaftigheid de vesting Pampeluna tegen de Franschen (1521). Door twee zware wonden aan zijn legerstede gekluisterd, kwam hij door het lezen van Heiligenlevens (Vida de los Santos) tot verachting der wereldsche ij delheden en allengs tot een streng ascetisch leven. Zijn ridderzwaard hing hij op bij het altaar der H. Maagd te Montserrat en schreef zijn „Geestelijke oefeningen" 2), die hij eerst zelf te Manreza doorleefd had. Uit de geestehjke oefeningen ontwikkelde zich bij Ignatius allengs het denkbeeld, de geest en de inrichting der Sociëteit van Jezus. Toen hij in het H. Land zijn dorst naar het heil der zielen niet mocht lesschen, keerde hij terug en legde zich op de studiën toe, eerst te Barcelona (1524), dan aan de universiteiten van Alcala (1526) en Salamanca (1527).

i) J. C. Alberdingk Thvjm, Studiën, Deel 42, bl. 165 w.; deel 43, bl. 267 W.

*) Watrigant, S. J. Genèse des Exercices de S. Ignace de Loyola. Beproduction avec pièces et notes complémentaires, Amiens 1897. Exercitia Spiritualia S. P. Ignatii de Loyola cum versione literali ex autographo Hispanico notis illustrata juxta Bom. editionem sextam, Boehampton 1881. Diertins, Hist. exercit. spirit. S. P. Ignatii de Loyola, Frib. Brisg. 1896. Watrigant S. J., Collection de la Bibl. des Exercices. Etudes et documents, Enghien. Inzonderheid No. 6: Debuchy S. J., Introduction a 1'étude des exercices spirit. Enghien 1906. Dezelfde, La „meditation fondamentale" avant St. Ignace, Enghien 1907.

Sluiten