Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TWEEDE PERIODE

87

uiterlijk, maar evenzeer om je mooie ziel. En daarom weet ik zeker dat ik je nooit zal verlaten of naar een andere zal kijken met teedere gedachten, daar kan je van verzekerd zijn; jou alleen heb ik lief en anders geen. En als je mij weg-gooide, - denk toch niet, dat ik dat gelooven ga, want ik houd je met voor wreed, - dan ging ik zeker en stellig dood. Vind mij daarom niet kinderachtig, - ik ben heusch niet kinderachtig, - ik ben gezond, en sterker dan ooit, omdat jij, in je oneindige goedheid, samen met mij door het leven wilt gaan.

Ben ik nu niet verschrikkelijk serieus? Maar ik praat dan ook nu over serieuse dingen, en die ernst van mij zit allemaal diep-in. Aan de oppervlakte kan ik lachen en schertsen, omdat ik door jou gelukkig word.

Laat ik je dus gauw wat grappigs vertellen, want anders vind je mij soms vervelend en zwaar. Vanmorgen kreeg ik een brief van den dichter J. K. Rensburg, die mij ontzaglijk heeft doen lachen, toen ik hem las. De heer Rensburg fehciteeft-mij met mijn engagement, dat hij van een ander hoorde, en zegt dan (nieuwe spelling): „Poëtiser kan 't wel niet: een dichter met een dichteres door zes „zwanen in de bloemenjonk van het huwelijk gevoerd naar het „toekomstland, opdoemend in een blauw waas van geluk". Als je in Bussum komt, moet je toch even dien heelen brief lezen; hij is allerleukst.

Terwijl ik dien zin overschreef, klopte Verster aan mijn kamer. Ik had hem vanmorgen dien zin voorgelezen en hij bracht mij nu een illustratie er bij, die ik hier bijvoeg. Grappig, hè, zooals wij daar in die jonk zitten 1

Tot morgen, lief, in gedachten kust je

je altijd-voor-jou-de-zelfde Willem

* ■*

O, Hef, ik had je zoo graag een heel, heel langen brief geschreven vandaag, - maar daar kwam een felicitatie-bezoeker, dien ik natuurlijk mee-ontvangen moest, en nu pas is hij weg-gegaan. O, wat is 't hinderlijk, als je zoo heelemaal niet aan jezelf toebehoort, en nu ben ik nog wel iemand, die bijna altijd doet wat zij wil, anders zou ik 't heelemaal niet uithouden, geloof ik. AUes wat ik nu niet schrijven kan, zal ik morgenochtend doen.

Sluiten