Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

i78

LIEFDESBRIEVEN

maar ik vind 't altijd superbe-heerlijk als je mij 200 schrijft. Je hoeft heusch nooit bang te zijn, dat ik 2al probeeren je mijn „onderdaan" te doen zijn. Ik ben zeker, dat we nooit serieuse kwesties met elkaar zullen krijgen, want we zuhen alles gevoeld met elkaar bespreken. Zie, liefste Jeanne, ik leg mijn handen zacht over je schouder, en 2eg,. mij voorover buigend, terwijl ik je diep aanzie: Onwaardeerbare Schat, ik wil één met je zijn in alles en ik zal nooitin-der-eeuwigheid hard tegen je zijn of koud: waarachtige Liefde lost alle kwesties op in harmonie; er zit absoluut geen valschheid of gemeenheid in mij, 2oomin als in jou, dat weet ik, dus alles zal goed gaan. . .

Wil ik je ten slotte eens wat zeggen, wat je misschien aardig zal vinden? Ik voel mij tegenwoordig zoo jong en jolig, door al mijn ledematen als een gezonde iongen van in de twintig, en inwendig voel ik mij net als een kind, maar met de beproefde wijsheid van een volwassen man. Vind je dat nu niet erg pedant van me?

Ik eindig nu maar, ik schrijf tochgauw weer. Ik ben zoo goddelijk bhj, dat je mij hebt willen hebben! Mag ik je een zoen geven?

Jouw altijd-getrouwe, eigen Wülem

* *

Lieve Lief, ik denk zoo dikwijls, hoe verschrikkelijk 't is, dat jij in zoo veel moeilijkheden zit, en dat ik er niets aan kan doen. O, ik wou, dat ik je helpen kon, dat ik iets wist, om al die narigheden minder erg te maken voor je. O, je weet niet wat een verdriet me mijn machteloosheid doet. O, weet je, wat üc zoo heel graag wou? Dat ik al je zorgen weg-nemen kon; want üc ben sterk, heusch sterk daar tegenover, en ze zouden me niet hinderen of moeite geven, want aUeen tegenover onwerkelijke dingen ben ik zwak. En ik zeg dit heusch niet, omdat ik wel weet, dat 't tóch niet gebeuren kan, üc meen het, üc meen het eerlijk, Lief, en ik zou het zoo heerlijk vinden, dis er soms eens iets was, waarin ik je rnisschien helpen kon, dat je dan niet dacht: „Ze zal 't niet kunnen", of: „Ze zal t naar vinden", of zoo iets, maar het me in elk geval vroeg. Zal je dat doen, Lief? Wü je me dat beloven?

Wat moest ik lachen om dat beweersel van Mevr. Linn over mij! Nu, ik vind 't aUesbehalve naar, dat er zóó over me gepraat wordt, want ik was bang, dat er héél andere verhalen van me de rondte

Sluiten