Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DERDE PERIODE

303

werkhjkt paradijs-op-aard. Ben je nu een beetje gerustgesteld, lieve Schat?

Dit is mijn derde brief, dien ik vandaag verzend. Den eerste ervan schreef ik vannacht, den tweede vanmorgen vóór de koffie.

Vanavond schrijf ik weer, voor morgenochtend. Ik bedoel daarmee: ik breng dien brief dan ook vanavond nog op de post, zoodat je hem morgenochtend krijgt.

Ben je nu heelemaal gerustgesteld, Lief? nu je precies de volle waarheid hebt gehoord? Waarachtig, Liefste, ik smacht naar je tegenwoordigheid. In Walden heb ik al wat gelezen. Teeder kust je met smeekende oogen

jouw eigen-jongetje-voor-altijd

Willem

O Allerliefste, ik moet je iets dwaas' vertellen. Ik was door je brief van vanmorgen over dat misverstand inwendig hevig-geemotionneerd geworden. Ik heb je toen twee brieven geschreven, ben tweemaal heen en weer naar de post geloopen, en toen ten slotte voor goed thuis-gekomen, zat ik in mijn stoel, dien je kent en waar jij altijd in zat, ook toen ik je vroeg, en hoewel mijn gezicht onbewegeHjk-strak stond (ik bedwing mijzelf altijd, ook als ik alleen ben) hoorde ik het binnen in mij klagen en jammeren, dat ik verkeerd begrepen was, terwijl ik toch heelemaal niets miszegd had, en ik dacht aan jou, en voelde me zoo ellendig, dat je nu misschien verdriet hadt en ik met bij je was, om je met de stukken in de hand alles op te helderen en uit te leggen.

Ik ging toen plotseling op mijn bed liggen, boven op de bruine sprei, die het bed zelf bedekt, en viel kort daarop (wat mij nooit anders gebeurt, want ik kan overdag nooit slapen) mijn emotie aldoor met ijzeren hand bedwingend, in een droomenvollen slaap, die twee uur geduurd heeft. Ik ben nu wakker geworden en zit weer op nmn stoel, en voel mij ontzettend gevoelig, en verlangend naar jou! O, ik wou, dat je bij mij was! Dan zou ik je Heve handje nemen en het met kussen bedekken, terwijl ik je dikwijls aanzag, teeder maar een beetje droevig, en ik zou je vragen: Maar Jeanne, weet je t dan nog niet, voel je 't dan nog niet, dat ik je grenzenloos Hefheb, voor altijd en altijd? Zie eens, ik ben niet wat men noemt

Sluiten