Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VIERDE PERIODE

469

heb ik al lang gezegd, want ook ik wil geen ander wezen dan jü'I" Voel je nu, dat ik je liefheb, Liefste! voel je nu, dat ik je waarachtigUjk en eenigüjk, zonder grens en zonder ophouden, zonder verrnindering liefhebben zal?

Verster is even bij rnij geweest, en heeft wat gezellig zitten te praten, 'tls nu middernacht, maar ik wil toch nog wat doorschrijven. Jij ligt nu zeker al lang in de rust. Mijn raamdeuren staan open, en in de verte hoor ik nog wagens, goederenwagens, denk ik, over de spoorbaan gaan. Ik vind het zoo'n heerlijkheid, dat wij later altijd dezelfde dingen zullen zien en hooren, door dezelfde dingen zullen geèmotionneerd worden, hetzelfde gevoel en dezelfde gedachten, dezelfde wenschen en dezelfde hoop, hetzelfde leven zullen hebben. De liefde neemt niets weg, maar voegt altijd toe, en als zij iets krijgt, geeft zij 't dubbel terug. O, 't geluk zal voor ons komen, Jeanne, geloof dat toch! Ik vod het d zoo heerhjk in mij ontkiemen, en ds ik nu terug-denk aan die vroegere tilden, toen ik zoo droef-eenzaam zat en zelfs niet vermoeden kon, dat jij bestond!

Ik wou, dat ik je d jaren vroeger had gekend, want dan zou ik je bewaard hebben voor ved verdriet. O, we zullen later lachen en van ahes pleizier hebben, en buiten d het daagsche en praktische om, bouwen een stuk leven voor ons bdden, waarin wij rondzwieren ds in een paradijs. Gdoof toch, Jeanne, dat ik je nooit flauw of vervdend vind. Je vraagt het, en daarom kom ik er toe, erover te spreken. AUes interesseert mij, wat je zegt, en je droefhdd, Lief, die mij natuurhjk óók droevig maakt, die zal langzamerhand gehed verdwijnen, terug-gaand in 't onbewuste gedeelte van je geest en vervangen worden door stil-jubdend gduk.

Het is nu kwart voor éénen, en ik ga naar bed. Goeden nacht, Lief, slaap maar rustig door. Van uit de verte kus ik je op je heve haren, zonder dat je wakker wordt, want ik doe het, o, zoo zacht...

Met innige hefde

jouw eigen Wülem

Sluiten