Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hij teekende zoodoende ook overduidelijk zijn plaats in de wereld. De kerk die hij verheerlijkte verschijnt hem voor het laatst tijdens de kruistochten. Had hij niet geschreven als een kunstenaar van de Renaissance, zijn gedicht kon even goed gesteld zijn omstreeks 1300. De Middeleeuwer die hij was had zich hier geheel blootgegeven. Zijn staatkundig ideaal, de verdediging van de Christenheid tegen de Turken, was niets dan de keerzij van zijn aanhankelijkheid aan de middeleeuwsche kerk.

Zoo gezien was zijn verheerlijking van de kerk tegelijk haar veroordeeling. Zooals hij haar wenschte bestond zij al sedert eeuwen niet. Maar de dichter die reeds in zijn jeugd de kerk van Christus bouwen wou, die gezag beminde en eenheid, en de tweedracht van kerken zoo min kon lijden als die van vorsten, had in haar, niet de werkelijkheid, maar de droom gevonden, waarin zijn bespiegelende geest weiden kon, en verheerlijkte hem.

Ik geloof dat hieraan de grijsaard zulk een groote kracht ontleende: in de Heerlyckheit der Kercke sprak hij de idee uit die hem van kind af gedreven had.

IV

Inmiddels was voor de tweede maal een bepland epos in tooneelspel opgegaan. Inplaats van een Bato was Batavische Gebroeders geschreven.

Kort daarop werd een vertaling vanOvidiüs'

10

145

Sluiten