Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gestort had, als voor de golven van de door een stormvlaag opgezweepte zee.

Een beetje uit het veld geslagen nam ik afscheid, en eerst toen ik buiten met den priester, die mij uitgeleidde, op den drempel stond, kwam de reden mij in de gedachte, waarom ik de pastorie had opgezocht. Ik legde uit, dat ik Valentijn üep te zoeken.

„Misschien zult U hem daar kunnen vinden," zeide de pater, terwijl hij op de beschilderde luifel van een buis wees aan den overkant.

Vlug stak ik het pleintje over, ik voelde een klink onder de vingers, ik drukte hem open, en toen ik binnentrad, vond ik in waarheid mijn speelman voor een blank geboende tafel zitten tegenover een jonge vrouw van een zachtmoedige schoonheid, die mij aan de ijverige kantwerkster denken deed.

Zulk een aan klaar bronwater herinnerende reinheid tintelde er over de dingen, dat ik verlegen den steek van "het hoofd nam, en mijn reiskameraad mijn boodschap in het oor fluisterde. Daarop, en waarom ik zoo deed kan ik moeilijk verklaren, snelde ik dadelijk de deur uit, zonder op een antwoord te hebben gewacht.

Even later had Valentijn zich bij mij gevoegd, en ik merkte, dat in een knoopsgat van zijn lakensch wambuis een frisch ruikertje gestoken was.

„Wij zullen onzen weg door het bosch moeten

78

Sluiten