Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

in de wolken. We zagen absoluut niets meer en hoopten dat wij door flink hoog te vliegen, weer wat uitzicht zouden krijgen. Met behulp van onzen „Badin"-bochtaanwijzer en ons trouwe compas gingen we verder, totdat wij met zekerheid wisten weer boven de laagvlakte te zitten. Toen kropen we maar weer onder de wolken en kwamen te Zuidelijk uit aan de Drau. De wind had ons parten gespeeld. Hij' was gedraaid en dat konden wij natuurlijk boven de wolken niet constateeren.

Nu volgden we de Drau tot aan den Donau, begeleid door een flksche regenbui, zeer laag vlogen we in een stortregen totdat bij het vliegterrein N e u s a t z het weer beter werd.

Gemakkelijk vonden we 't vliegterrein. Pancevo bij' Belgrado en weer stonden we voor een beslissing; landen, of vérder gaan? Er was nog volop benzine en met 't daglicht zou het ook wel lukken en dus voorwaarts, naar Sofia. Het weer werd slecht, daarom moesten we het Morawadal volgen over Nisj. Enfin, alles ging goed. We vlogen over 't vliegterrein Bozurlce bij Sofia om een kijkje te nemen boven de stad zelf en streken na 11 uur vliegen veilig neer voor de voeten van den Hollandschen Consul J h r. de B r a u w, die miet zijn echtgenoote ons verwelkomde.

Passen werden niet gevraagd'. De douanen waren nogal lastig doch allee verliep vlot. Wij hadden weer grond onder de voeten. Benzine en olie

was in Sofia volop te krijgen. Helaas benzol niet. Terwijl Elleman en

Frijns de motoren nakeken ging ik met den consul den boer op om benzol te koopen. Hier gevraagd, daar gevraagd, maar in heel Sofia was geen benzol te vinden. Goede raad was hier overigens niet duur, want ik besloot toen om op benzine door te gaan.

's Avonds kwam de commandant van den Bulgaarschen vliegdïenst, de heer Po p-Kr e s t er mij bezoeken. Hij heeft met de noodlanding van v. d. Hoop de Oranje-Nassau gekregen en is dus verwoed pro-Hollandsch. Ook bleek hij met mij gevlogen te hebben In October 1926 toen ik invlieger was bij Fokker.

Wij zouden geen Hollandsche Jongen» zijn als we na zooveel wederwaardigheden niet als marmotten hadden geslapen.

Den volgenden morgen om 5 uur, Hollandsche zonnetijd, startten we uit Sofia, onder zeldzaam weer, zoodat we de geheele landstreek konden bewonderen. Verfoeien is een betere uitdrukking, want het is hier hopeloos woest en verlaten.

Na een zeer voorspoedige reis van juist 8 uur kwamen we hier in Aleppo, waar wij buitengewoon hartelijk ontvangen zijn en de welbekende flesch op tafel gezet werd om ons welkom te heeten. Daarna werd ik in een mlli-

11

Sluiten