Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

12

naamd spijkerschrift. De naam is ontleend aan de omstandigheid, dat de onderdeelen der letterteekens den vorm hebben van een vierkanten spijker. Deze karakteristieke vorm is te verklaren uit het feit, dat als schrijfmateriaal werd gebruikt zachte klei, waarin de teekens gekrast moesten worden. Enkelvoudige letters kent het spijkerschrift niet, alleen lettergreepteekens en teekens voor vaste begrippen, in het geheel ongeveer 400 bijeen, waardoor 12000 combinaties mogelijk zijn. Derhalve een buitengewoon ingewikkeld schrift. Of het lezen en schrijven daarmee moeilijk moet geweest zijn! In het dagelijksch leven beperkte men zich van zelf tot de meest gebruikelijke teekens. Eeuwenlang is het spijkerschrift in Voor-Azië algemeen geweest. De veroveringen der Assyriërs verbreidden het over alle omliggende landen. Tot een letterschrift heeft het zich niet ontwikkeld.

De Babyloniërs waren knappe wiskundigen. De behoeften van het handelsverkeer en de grondverdeeling leidden vanzelf tot de beoefening der wiskunde. De grondslag van hun rekenkunde was het zestaUig stelsel. Zij hadden een cijfersysteem, waarvoor slechts twee teekens gebruikt werden, die de grondgetallen aanduidden, het eene teeken gold voor 1, 60, 3600, enz., het andere voor 10, 600, 36000, enz. Verwarring bleef buitengesloten, omdat de getallen ver genoeg uit elkander lagen. De tusschenliggende cijfers werden samengesteld door de teekens naast elkaar te schrijven en de getallen op te tellen, op de wijze als in het Romeinsch cijfersysteem. Een groot gebrek heeft dit stelsel: de nul ontbreekt er aan.

De Phoeniciërs zijn de eersten geweest, die het veel eenvoudiger letterschrift vonden. Hun alphabet lijkt zeer veel op het Grieksche. Op dezen grondslag gaat ons schrift rechtstreeks terug.

De Arabieren hebben het decimaalstelsel naar het Westen overgebracht uit Indië. Daardoor is eerst in de middeleeuwen het cijfer nul algemeen geworden. Het uitgestrekt handelsverkeer der Arabieren heeft een zoo ver uiteen liggende verbreiding mogelijk gemaakt.

§ 3. De Israëlieten.

Het Oude Testament noemt ons Abraham als den stamvader der Israëlieten. Hij vestigde zich het eerst in Kanaan.

Het Land van Kanaan, later het Beloofde Land, het Heilige Land, ook Palestina genoemd, bestond hoofdzakelijk uit het gebied tusschen den Jordaan en de Middellandsche Zee „van Dan tot Bersabee". Het gansche gebied besloeg ca. 25.000 KM*. (Nederland is 33.000 KM2, groot). Het land is grootendeels bergachtig en, vooral in het Z.-O., dor en woest; enkele streken zijn buitengewoon vruchtbaar, en zeer geschikt voor landbouw en veeteelt.

Sluiten