is toegevoegd aan uw favorieten.

Tooneel der eeuwen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

223

merkelijk»overwicht op Frankrijk, welks grondgebied grootendeels in handen was van den aanvaller, welks regeering den ernst der tijden niet begreep.

Een eeuw later! Engeland was verslagen. C a 1 a i s bleef het poover overschot van zijn Fransche bezittingen. De ellende had het Fransche volk gestaald. Uit den bitteren kamp was zijn nationaliteitsgevoel opgegroeid, nauw gevoelde het zich verbondenaanzijnvorstenhuis. De beproevingen hadden «ljn;fkoningen het regeeren geleerd. Jammerlijk geteistMd, maar overwinnend trad het te voorschijn uit den strijd. Terwijl.de nationale zegepraal in Frankrijk den grondslag hielp vestigen voor de nationale, absolute monarchie, stortte de nationale nederlaag Engeland in de ellende van een burgeroorlog, even vol van verbittering als de Honderdjarige Oorlog, maar veel wreeder, omdat het. een partijstrijd was tusschen de burgers en edelen van hetzelfde vaderland. Gedurende ruim een halve eeuw treedt Engeland terug achter zijn kusten, het speelt geen s$& van beteekenis in de geschiedenis van Europa, het verliest grifs praktisch zijn constitutioneele rechten, als eindelijk de absolute monarchie den ontredderden toestand weer kan gaan restaureeren. Dat was het negatieve resultaat van den Rozenoorlog.

§ 5. De Ontwrichting van het Duitsche Rijk.

Decentralisatie. Na 1300 wordt in de Duitsche landen de ontwrichting van het staatsverband hoe langer hoe erger. Karei IV, 1347—1378, de opvolger van Lodewijk van Beieren, zorgde uitstekend voor de belangen van zijn „Hausrr^jeib^", maar de internationale beteekenis van het Rijk liet hem vrijwel onverschillig en de keizer werd meer en meer een hoogverheven president van een bondstaat.

Karei heet in de geschiedenis lichtelijk ironisch de vader van Bohemen, de aartsstiefvader van het Heilige Roomsche Rijk. Van Bohemen maakte hij veel werk. Daar is in 1348 de eerste Duitsche hoogeschool gesticht te Praag. Door handige diplomatie vergrootte de keizer de Luxemburgsche bezittingen met Silezië, de Lausitz en Brandenburg. Toch heeft hij deze machtsuitbreiding niet gebruikt