Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

30

Toen de Fransche Revolutie uitbrak, was de Vrijmetselarij over alle landen van Europa vertakt; zij had het karakter aangenomen van een tegen-Kerk, wat zij nog heden handhaaft, want vooral tegen Rome richtte zij haar actie.

De Paus is, onder alle regeerende vorsten, de eenige geweest, die gewaarschuwd heeft. Clemens XII heeft de dwalingen van de Vrijmetselarij in 1738 veroordeeld, een uitspraak, die nog altijd van kracht is en later meer dan eens werd hernieuwd. Maar men heeft in de achttiende eeuw niet naar het woord van den H. Stoel geluisterd, tot groot ongeluk van de volkeren.

De toestand in Frankrijk liet veel te wenschen over. Lodewijk XVI, 1774—1793, een vorst van voorbeeldig leven en bezield met de beste bedoelingen voor het algemeen welzijn, miste de vereischte energie en bekwaamheid om als hervormer op te treden. De burgerij had geen invloed op de regeering. Sedert 1614 waren er geen Etats-Généraux meer bijeengeroepen. De instelling van de lettres de cachet was algemeen gehaat. Adel en geestelijkheid genoten tal van standsvoorrechten. De hooge ambten waren in hun hand. De adel was voor de wet vrijgesteld van directe belastingen. De geestelijkheid had deze afgekocht, maar daar stond tegenover, dat op de Kerk de zorg drukte voor het onderwijs en de ziekenverpleging. De derde stand had het grootste deel der belastingen op te brengen, maar onder de burgerij was ook de welvaart het grootst. De boer was onderworpen aan talrijke en willekeurige feodale rechten. Daar heerschte in staat en maatschappij veel onrecht en tal van toestanden waren verouderd. Over het algemeen was toch het peil van" welvaart in Frankrijk op zulke hoogte gebleven, dat uit de heer- . schende malaise alleen de uitbarsting van de revolutie niet verklaarbaar is. De denkbeelden van de Verlichting, onder de geheime leiding van de Vrijmetselarij, zijn de groote drijfkracht geweest; de omstandigheden hebben alleen de ramp van 1789 mee in de hand gewerkt.

De Financiën. De schuldenlast was tot vier milhard gestegen. Lodewijk XVI heeft getoond niet blind te zijn voor Frankrijk's toestand. Nog in 1774 benoemde hij T u r g o t tot controleurgénéral des finances. Turgot was een aanhanger der „verlichte" theorieën en het physiocratisme, de tegenstelling van het colbertisme.

Het Colbertisme gaat uit van de gedachte, dat het welzijn van een volk

Sluiten