Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

105

restauratiewagen terug te trekken. Mijn eenzaam ontbijt daar: thee met citroen, brood en boter, tegen den civielen prijs van 1000 Kronen, werd belevendigd door de gedachte: hoe zal ik ze terugvinden? Zou ze nóg zoo stug en onhandelbaar zijn, zoo wreed als een vrouw, zoodat hij tenslotte, ontnuchterd en teleurgesteld, den strijd maar heeft opgegeven, en ik ze dus ga vinden in een beklemmend, conventioneel gesprek over het weer en de valuta en de duurte der levensmiddelen, met het vooruitzicht, als een durende marteling, voor oogen, van een dergelijk gedwongen tête-a-tête tot aan Salzburg toe? Was ik dan toch te vroeg weggegaan?

Maar neen: ze waren van plaats verwisseld, zoodat zij makkelijker met haar hoofdje tegen zijn breeën geüniformeerden schouder kon rusten. En ze vertelden elkaar ondeugende verhalen, en zij zong af en toe een liedje uit een echte Wiener operette, dat hij niet mée kon zingen omdat zijn stem telkens oversloeg en omdat ie ook vèel te opgewonden en te begeerig was. En toen ik, na een diplomatieke chaperonnage wéér eens tien minuten was weg geweest, vond ik haar met een groote zwarte reistasch op haar schoot, waaruit ze twee dikgesmeerde boterhammen haalde, die ze samen deelden. En hij moest toen een mes geveq, dat hij eerst zorgvuldig schoonmaakte, en hij moest ook een fiesch openmaken waarin wijn was. En toen aten ze en dronken ze samen, en ik was zoo onbescheiden bij dezen idyllischen maaltijd mee aan te blijven zitten.

Toen kwam bij Linz een afleiding in de gedaante van een handelsreiziger, die het zich met een wollen huisjasje, dikke pantoffels, een plaid en odeur uit een kalfsleeren reis-étui (alles blijkbaar uit betere tijden) gemakkelijk maakte. Ik vond hem heelemaal niet sympathiek, misschien wel omdat de twee verliefden hem in hun hart verwenschten, en ik in den loop der aandachtige uren zóózeer in hen was opgegaan, dat ik al geen andere opinie meer kon hebben dan de hunne. De handelsreiziger sliep echter weldra onder zijn versleten tijgervel, en de liefdeshistorie had daarop haar normaal verloop. Het laatste, dat ik nog binnen de groene wanden van dezen geheiligden coupé meemaakte was, dat hij zijn hand mocht warmen onder haar gebreide jakje en zij haar handjes in zijn breede mouwen (en toch was het heelemaal niet koud). Toen vond ik in mijn bewondering voor den eersten gletscher achter Salzburg gereede aanleiding om in de gang te

Sluiten