Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

185

Hij liet zich dan voorzichtig uit z'n kooi zakken en liep naar de andere kant van de kajuit. Schoof daar een

gordijntje weg het spoelde en het klotste en het

schommelde er net zoo, maar eensklaps zag hij een reep zand op weinige afstand voorbijschuiven, branding er op! Hij sperde wijd de oogen open, wou dan weer zien — een groene golf sloeg tegen 't glas: hij deinsde achteruit. Daar zag hij 't weer door de druipende ruit: een lange lage zandplaat gleed langzaam langs, een paal verhief zich met een korf er aan, er lag wier en aan» spoelsel.... klots! was weer alles water. Zou de Wo* dansbank in aantocht zijn? Hij ging zich haastig kleeden en spoedde zich naar dek.

Boven gekomen, viel dadelijk zijn blik op een hooge houten kaap, een zwarte open pyramide. Verder breidde een oneindige zandvlakte zich uit, wat hóóger op een afstand, wat groenig daar, en dan kreeg hij meteen een huisje in het oog, wit gekalkt en daardoor niet scherp afgeteekend. Een in verval zijnd huisje. Zeevogels vlo* gen bij hun aankomst op van 't strand. Theodorik, vreemd aangedaan, bereikte de kampanje, vergat de kapitein te groeten, met de deur in huis vallend: waar of die kaap voor diende? Grinnikend antwoordde de ander dat het een vluchtplaats was: als soms bij een orkaan het huis totaal zou instorten en overstroomen, konden ze daar in klimmen en er de noodvlag hijschen.

Dus dit was dan de Wodansbank! Geen glorieuse -aanblik, geen grootsche landing. Er was nergens een aanlegplaats te zien. Zou het schip voor anker gaan en dan een sloep over boord zetten en hun drieën door de branding roeien? 't Galjoen gleed nu nog voort, 't

Sluiten