Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

245

en hadden ze zich languit voor hem neergeworpen, bossen schuimbloemen naar zijn voeten smijténd, en daarna met het aangezicht ter aarde haastig zich ach* terwaarts terugtrekkend om plaats te ruimen voor de volgende aanstormende geestdrif tigen — alles onder het zingen van één luid ruischend choraal. Armen vol zil* ver waren hem voor de voeten gesmeten, zon en wind hadden heb omjubeld, het volk der golven had tot m de verte de wapenrustingen doen schitteren, flikke* rend met de schilden als op een vlakte een machtig manifesteerend leger voor de veldheer. Hij kreeg van hoogerhand nu openlijk lof — hij zou nóg verdere ver* kenningen ondernemen, om nóg grootscher plannen uit te werkenl

Theodorik dacht er over door, en zag dat Oom in de menschenmaatschappij allengs onmogelijk werd; hij zou er niet in kunnen terugkeeren. Als het naj aars* weer hem er niet toe noodzaakte, waarom zou*i het dan ook doen? De man was hier gelukkig, hij maakte veel meer van zijn leven dan*i ergens anders ooit zou kunnen, veel meer dan ongeveer ieder mensch. Nee, ze moesten hier maar zoo lang mogelijk blijven, het leven aan de wal was nóg naarder dan je altijd dacht. Hijzelf was in z'n jeugd betrekkelijk onafhankelijk ge* weest — in de samenleving terug zou*i zich een bestaan moeten veroveren, een bestaan dat in geen enkel op* zicht aan zijn innerlijke idealen zou beantwoorden. Wie geen profijt trok van zijn ervaring, was reddeloos dom; en de ervaring had hem een voldoende kijk op het menschelijk bedrijf gegeven. Het was opper*dom de struggle for life te beginnen als men verstandelijk

Sluiten