Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

M'N INTERVIEWS. II. *)

I.

August Kiehl.

Amsterdam, IS Oct. '24.

De populaire „Oom Guus" (alleen bij den Burgerlijken Stand als Aug. F. M. Kiehl bekend) gaat jubelen! Ziehier wat deze joviale verteraan ons uit zijn veelbewogen leven vertelde:

Hoewel uit een artiestenfamilie geboren, zoon van mevr. Sablairolles, was hij aanvankelijk voor de marine bestemd. Het uniform en de epauletten trokken hem, hij deed zijn examens, doch werd te Willemsoord afgekeurd. Epauletten en gouden knoopen heeft hij dus nooit in werkelijkheid gedragen. Des te meer echter op het tooneel! „Daar," zoo zegt hij, met een tikje weemoed en een tikje trots, „heb ik het meer dan eens tot vorst of veldmaarschalk gebracht en me (al of niet) „dapper" gedragen".

Kiehl's eerste serieuze engagement was te Amsterdam, brj Prot. Vader Kiehl, die in Den Haag woonde, was erop tegen, wilde het contract voor zrjn minderjarigen spruit niet teekenen. Maar Guus deed het „lekker toch" en... ging een tijd van groote ontbering tegemoet, op een aanvankelijke weekgage van ƒ10!

„Bi at toen gewoonlijk," zoo vertelt bij, ,4n het' bekende „restaurant" van Westrup in de Nes, waar je groenten en aardappelen voor een dubbeltje per portie, vleesch voor twee dubbeltjes of een kwartje kon krrjgen. Dat ging echter alléén in het begin van de week. Als het tegen Zaterdag liep, stelde ik me maar tevreden met de Volksgaarkeuken, en den allerlaatsten dag at ik in den regel... niet! Dan ging ik maar naar mjjn kamertje en zei tegen de juffrouw, dat ze me tegen zevenen... wekken moest. Maar aan de collega's vertelde je 's avonds natuurlijk, dat je lekker gegeten

*) Nóg twee jubel-interviews in den bekenden dagblad-stijl. Er zjjn momenten waarop men allen, schrijvers, die de journalistiek ambieeren, zou willen toeschreeuwen: vrienden solliciteert bij koekf abri eken, voor kellner, portier of sneeuwruimer, — maar hoedt U, hoedt U voor deze giftigste aller surrogaten!

Wat niet wegneemt, dat er voor hem, die zichzelf weet te bewaren en zéér precies in zich den journalist van den toekjjkenden mensch gescheiden houdt, op zoo'n nieuwsfabriek wel wat te leeren valt. Daaronder tucht, soberheid en een zeker meesterschap ten opzichte van de „inspiratie".

Sluiten