Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE WAARACHTIGE BOHÉMIEN. X.

Amsterdam, 19 Maart. — Ditmaal kwam hij, na een afwezigheid van een jaar, uit Londen, met zijn vrouw. Alle „bagage" „gesynthetiseerd" in een klein rieten koffertje en een pak met een twintigtal sublieme etsen

Waarom leken plots in het licht van hun reis-verhalen en bü den afglans van hun niets^ontzienden levens-moed onze gezellige kamers zoo schamel en ons leven zoo klein? Ze laten zich als vorsten in-halen. Een dwingende suggestie gaat hen in die richting vooruit. En die moet, ik erken het van ganscher harte, op een hooge, innerhjke waarde berusten. De materie, als een machtig monster, bespringt hen van alle kanten, scheurt aan hun lichamen, vreet in hun trekken, maar hooghartig, gebiedend, schrijdt de Geest vóórt: over huurschulden, ongehonoreerde slaven-arbeid, moreele bedenkingen, waaraan een ander zün leven verprutst, en passage-kosten (dewelke als niet meer intressant, niet ééns meer worden besproken), en beitelt en schaaft aan zün levens-werk, dat tot een hoon wordt van alle brave half-heid, en tot een vorstelüke grüns voor alle bloedige burgerdeugd.

Ze zün, zonder eenogen twüfel zéér „Engelsen". Zooals G. in haar fauteuil onder den gouden lampekap zit („die lamp is toch óók wel een beetjemooi", denk je aarzelend, „al is ie maar van ons"), geelblond, èng snoer van groote paarlen om de smalle hals, lange kanten mouwen en een enkele, opvallende ring, is ze een viscountess „of Oxford". Je aarzelt echter even met dit compliment, omdat het, misschien, geen compliment voor hen zou kunnen zün of wel omdat er een fout in de uitspraak van het Engelsche woord zou kunnen schuilen. Om kort te gaan: je bent weer bang voor ze en voor hun zelf-gerechtigde critiek, die... hun groote kracht is.

Ze hebben beiden, in volkomen afzondering van de wereld, in het British-museum gewerkt, waar Ferdo meesters van alle groote cultuur-perioden op munten en sculptures bestudeerde,

Sluiten