Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

8

comfortabele kamer in een houten bijgebouwtje van een eenvoudig logement. Naast ons een spoorweg-beambte met zijn jonge vrouw, links een Parijsch vrouwtje, dat Zondags haar minnaar op bezoek ontving (een bezoek, dat steeds werd aangekondigd door een of ander puddinkje of ander lekkernijtje, dat op ons gemeenschappelijk balcon stond koud te worden); beneden een groot gezin met een alleraardigst zestien-jarig midinettetje, dat zich a la mode soigneerde (d.w.z. zich poeierde en schminkte tot ze op een vrouw van 30 jaar leek) en ons op de nieuwste Parijsche mopjes trakteerde: „II y avait une fois...", „Encore une petite Belote..." „Monte la-dessus ..." en wat dies méér zij.

Op de binnenplaats: wasschende vrouwen en dorps-praat, of de patroon, die een haas koelbloedig slachtte... waarbij de groote hond, Caesar, altijd een klagelijk gejank aanhief. Over het muurtje heen: uitzicht op de boom-toppen van het Bois de SaintCloud. Twee minuten van het Institut Pasteur en van het station, tien minuten van het maagdelijk Forét de St. Cucufa. Om den hoek de dorpsstraat (Mien haar dorado), met beloften van witte kaas, crème fouettée, fruit, fluitbrooden, cider, Gruyère ...

En wat het heerlijkste was: het „thuiskomen", soms, 's avonds laat uit Parijs. Op de stille binnenplaats, tusschen de hooge, ruischende boomen één venster verlicht. Daarachter: mijn vrouwtje in diepe rust in ons vorstelijk bed (we hebben nooit van ons leven een beter bed gehad).

Helaas moest ik Mien hier voor veertien dagen alléén laten, om in Holland zélf onze financiën te gaan herstellen. Ik zal je de beschrijving van dezen afgrijselijk harden tijd sparen. Meer dan eens dacht ik, dat ik nooit meer naar Parijs terug zou komen.

Tenslotte kwam de hulp van een vriend uit Italië: 1500 Lire

uit Firenze! Zoodat er zelfs nog een nieuw pak op overschoot, wat Mien, die minstens vijf keer voor niets naar de Gare du Nord was gewandeld, weer alle beproevingen deed vergeten.

Voeg daarbij, dat we, nauwelijks terug, weer wat geld ontvingen en dat het twee dagen later de 14de Juli was!

en je zult begrijpen, dat de herinnering aan die afgrijselijke Hollandsche reis spoedig was uitgewischt. We brachten dien glorieuzen nacht gedeeltelijk op de „Butte" door (vuurwerk), gedeeltelijk dansende in de buurt van de Bd. Sébasto (het inconvenient hierbij was, dat Mien even tevoren op de kermis een

Sluiten