Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

96

De r.: Ja man, de taak van een rechter is niet gemakkelijk. Wie zonder zonden is....

De m.: Zonde,... zonde.... (vertrouwelijk) Is het héél erg,

wat je gedaan heb?.... Oplichterij? Een schrijf foutje in je

kasboek? .... U neemt me niet kwalijk, we zijn hier toch immers maar jonges onder mekaar, en zoo an Uwes kleere te oordeele.... Of misschien je vrouw mishandeld.... Ja, man, vertel mij wat!....

De r.: Nou.... mishandeld....

De m.: Zóó.... is het dat! Maar dan zijn er toch wel, hoe zal ik het zegge, „verzachtende omstandigheden".... Ze kenne je soms tot razernij brenge, die wijve....

De r.: (peinzend) Wat heb je aan verzachtende omstandigheden als je je op die manier.... vergeten hebt, en je voor je. zelf toch al veroordeeld bent? (Hij pinkt een traan weg.)

De m.: Nou, nou, kerel.... móed gehouwe.... As ik je daar zoo hoor.... man, dan ben je, wat het dan ook weze mag, dat je in onbezonnenheid heb gedaan, een góed mensch.... Waarachtig, niet slechter as ik, met me „verduistering" van me kipderewage.... (verteederd) Kom, stort je hart nou maar 'es uit. Je vindt niet eiken dag een vrind, die je zoo goed begrijpt as ik.... Wat zijn je „verzachtende omstandigheden"?.... Het ze je getergd, je met een ander bedroge? ....

De r.: Nee.... Ik heb een zware schuld....

De m.: Nou, man, as ik een van die Christelijke heeren was, dan liet ik je vrij-uit gaan.... Wat zeg ik! ? — As ik zoo je.... houding zie, en je berouw.... Dan gaf ik je nog een fijne segaar op den koop toe.... Om den moed erin te houwe.. .. Er is geen betere troost as een fijne sigaar.... Maar wat bén je eigenlijk, zonder onbescheide te weze... Makelaar, of zooiets... Notaris?

De r. (zich plotseling bezinnend): Ik? .... Ik ben de rechter, meneer....

En nou je predikatie, Hans, het „credo" van je vader, dat ik je voor vandaag heb beloofd (als ik me hier zoo ijverig zie schrijven, denk ik soms wel eens, of dit mijn vaderlijk testament moet worden). Het is moeilijker dan je denkt. Al loopen de meeste menschen, en vooral de meeste („jongere") letterkundigen er pers-klaar mee in hun zak. Als je die jongeheeren zoo bezig ziet, althans in hun „tijdschriften" en sociëteiten, bewierookt en.... classificeerend en.... opwekkend tot het maken (vooral!, opdat

Sluiten