Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

86

HET STRAFBARE FEIT

4o behoudens heel enkele uitzonderingen1) is bij overtreding nimmer een klacht voorwaarde voor de vervolgbaarheid;

5o de mogelijkheid van voorkoming der strafvervolging door vrijwillige betaling van het maximum der bedreigde geldboete bestaat alleen bij overtredingen (art. 82);

60 ten aanzien van overtredingen geldt een kortere verjaringstermijn (artt. 78 sub 1 en 84 sub 2).

7o Bij samenloop (concursus realis) geldt bij overtredingen het ten opzichte van misdrijven verlaten stelsel van cumulatie van straffen, en tenslotte

80 brj overtredingen treft men een andere regeling van de gevallen van verbeurdverklaring (art. 39). Beide verschilpunten zijn alleen voor den rechter van belang. Zie omtrent schuld bij overtredingen hieronder § 22 E.

C. AANWUZDÏG WELKE STRAFBARE FEITEN MISDRIJF, WELKE OVERTREDING ZIJN

Eene algemeene omschrijving van het begrip misdrijf en overtreding komt dus in ons wetboek niet voor. Of eenig strafbaar feit misdrijf of overtreding is, kan slechts uit de wet zelf blijken; voorzoover het gecodificeerd strafrecht betreft, wijst het W. v. Str. dit door de plaatsing uit. De misdrijven vonden een plaats in het Tweede, de overtredingen werden in het Derde Boek ondergebracht. We dienen echter mede te weten, of de in art. 6 Inv. Ver. uitdrukkelijk gehandhaafde strafbepalingen als misdrijven of als overtredingen te beschouwen zijn. Art. 7 dier verordening licht ons dienaangaande in; het zegt n.1., dat al die strafbare feiten overtredingen zijn, behoudens 12 in datzelfde art. genoemde strafbare feiten, welke misdrijven zijn.

l) Enkele overtredingen zijn in het Indisch strafrecht slechts op klachte vervolgbaar:

le verzuim of nalatigheid in het verrichten van arbeid bedoeld in art. 30 v. h. Reglement omtrent de Particuliere landerijen bewesten den Tjimanoek Stbl. 1912 No. 422, art. 54 j° art. 6 sub 200 Inv. Ver.

2e willekeurige verbreking van een geregistreerd contract door een koelie in de Buitengewesten;

3e schending van de verplichting tot geheimhouding van datgene wat de bij die belasting betrokken ambtenaar in die hoedanigheid omtrent inkomen, vermogen bedrijf of beroep van den belastingschuldige vernomen heeft, vgl. artt. 93 Inkomstenbelasting 1921 No. 312, 49 Vennootschapsbelasting 1925 No. 319.

Sluiten