Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

68

van dc htcht. Wat vooral veel ontstemming wekte was dat het Exercitiecorps, aangevuld door vele broeders uit den Haag, zelfs in tegenwoordigheid van Schout en dienaars dier stad, op het Kerkplein, en nog wel liefst op Zondag onder kerktijd, oefeningen hield. Allerlei onaangenaamheden werden bif het uitgaan der kerk de bezoekers aangedaan; de drost van der Meer dreef zelfs de onbeschoftheid zoo ver de kerkboeken uit de handen te rukken om te zien of er geen oranjelintjes als bladwijzers in waren, die hij er dan met geweld uit verwijderde.

Toen op 16 Augustus 1787 de brandspuit werd beproefd en rekening en verantwoording van de kasgelden gedaan, kwam de bakker Anthonie Schravenmale op de gedachte eenige Oranjegezinde brandmeesters af te zetten, wat een relletje ten gevolge had. Men werd het niet eens én twee der heftigste patriotten, Bastiaan van der Ruit en Geersma, werden gezonden naar het Gemeentebestuur van Monster om de afzetting te eischen van Antonie van den Berg en Nicolaas van Breemen.

Heel verstandig zegde de Magistraat een onderzoek toe, maar de onstandigheden veranderden zoo spoedig, dat de zaak zonder eendg gevolg bleef.

De Oranjegezinden waren in alle omstandigheden veel gematigder dan de tegenpartij lieten veel onbeantwoord voorbij gaan, ja, gaven zelfs geruimen tijd weinig teeken van levenPrinses Wühelmina, echtgenoote van den Stadhouder, verliet in Juni 1787 Nijmegen, waar het Hof toen verbleef, en wilde zich naar den Haag begeven, in de hoop dat hare verschijning de voormalige oranje-geestdrift zou wakker schudden. Aan de Goujansverwellesluis, bij Gouda, werd ze door de patriotten tegengehouden en genoodzaakt terug te keeren.

De Honing van Pruisen eischte voldoening voor de beleediging zijne zuster aangedaan, maar in overmoed werd die geweigerd, rekenende op de hulp van Frankrijk, die echter niet kwam.

Sluiten