Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

IN DE LITERATUUR

293

met Kardinaal Bibbiena's „La Calandria'' (ongeveer 1490 geschreven, maar eerst veel later opgevoerd), Machiavelh's „Mandragola" (1512) en de vijf comedies van Ariosto. De tragedie begint, terwijl zij zich van de „rappresentazioni sacre" bevrijdt, met Trissino's „Sofonisba" (1515), in Frankrijk werden de grondslagen voor de nienwe tragedie en comedie tegehjk gelegd door Etienne Jodelle met „Cléopatre" (1552) aan den eenen kant, en „Eugène" (van denzelfden datum) aan den anderen kant.

De werkelijke Engelsche comedie begint met Nicholas Udall's „Roister Doister" (ongeveer 1550), John StüTs „Gammer Gurton's Needie" (ongeveer 1566), de Engelsche tragedie met de „Gorboduc" van Sackville en Norton (1561—1562). Zoo zocht in deze kunst, die in dienst van de theologie was opgegroeid en lang alleen in het nut voor haar leer een bestaansrecht gevonden had, de mensch thans humor en passie, belangstelling in actie en karakter, schoonheid van vorm en stijl.

III. De ontwikkeling van het individualisme in de literatuur

In deze bladzijden is het dikwijls duidelijk gebleken, dat de verbreiding van den wereldlijken geest gedurende de Renaissance ten nauwste verbonden was met de ontwikkeling van den zin voor individualiteit, en de bewering van Burckhardt, in het begin geciteerd, dat het ontwaken van de persoonlijkheid het groote teeken van den nieuwen tijd was, is in

Sluiten