Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

IN DE LITERATUUR

315

Door voorschrift en voorbeeld üet het classicisme de waarde van vorm en schoonheid na en werkte dus tot de evolutie der literatuur, als een kunst, in niet geringe mate mede. Daarom verbinden wij het begin der moderne literatuur met de herleving der wetenschap.

Tezelfder tijd is ook het bewijs geleverd van de bewering, in het begin van dit hoofdstuk geuit, dat in de Europeesche Renaissance-üteratuur, als een geheel beschouwd, verschülen voorkomen, tegeüjk met algemeene punten van overeenkomst. De geschiedenis van de beweging der klassieken en haar gevolgen is in dit verband zeer belangwekkend.

In Engeland was de „verktiniseering der beschaving", om met Burckhardt te spreken, nooit zoo voüedig en aUesomvattend als in Itaüë en Frankrijk. De verbmding van deze twee namen moet ons niet misleiden. Het classicisme beteekent iets anders voor de Fransche dan voor de Italiaansche beschaving. In Itaüë was het buitengewoon ongunstig voor de ontwikkeling van de eigen taal. De vooraanstaande humanisten verachtten hun eigen taal; zij hoonden de „Divina Commedia" als een gedicht, „geschikt voor bakkers en schoenmakers", en vanaf den tijd der „Decamerone" tot dien van de Italiaansche lyriek van Lorenzo de' Medici en Poütianus, stelden zij zich tot taak Cicero en Vergiüus te doen herleven.

Daarna zelfs, toen er een beweging ten gunste van een eigen hteratuur opkwam en de üteratuur populair werd, in plaats van zuiver wetenschappeüjk, en toen de Florentijnsche Academie plechtig verklaarde,

Sluiten