Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

225

heuvelige verten. Vroeg waren zij ter been, want om zeven uur vereenigden zich de opgewekte lijders bij de verschillende bronnen om, gewapend met hun glas, in lange rijen het dampende bronwater ter plaatse te scheppen. Daarna gingen zij ontbijten onder de linden, die den smallen, over een steenen bedding rumoerig stroomenden Tepl begeleidden, en allen genoten van het sobere en zuivere maal, bestaandeuitkraakverschebroodjes, ongezouten boter en geurige koffie. Zij wandelden veel in de bosschen en telkens slaakten Peter en kleine Inez kreten van bewondering, wanneer een zonnig vergezicht over de boheemsche heuvelen zich onverhoeds opende. Ook tante Barbara, kwakkelig en bedrgvig, schoon een weinig moeilijk gaande, genoot ondanks haar onbewogen gezicht en dikwerf verweet zij haar echtgenoot, boven wiens klamme voorhoofd en dunbewassen schedel ook hier het grijze zonnescherm met blauwe voering deinde, zijn overdreven belangstelling in de vreemde flora, die hem het schoonste landschap met verstrooiden blik beschouwen deed. Des middags dronken zij thee op het erf van het hotel, waar vreemdelingen uit alle landen der wereld samen kwamen en waar kleine Inez en Peter zich vermeiden in den aanblik der zwierige houdingen en uitheemsche kleedijen en der Slavische vrouwen donkere schoonheid.

15

Sluiten