Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

— 102 —

evenzoo zal verschil in godsdienst een sterk merkbaar spoor in de werken der verschillende auteurs achterlaten, al staan ze overigens op hetzelfde standpunt. Een Geschiedenis van het Volk Israël door wijlen Opperrabbijn M. Monasch, die als geloovige Jood den vinger Gods in de geschiedenis zag, is toch wezenlijk verschillend van Prof. A. Noordtzij's Gods Woord en der Eeuwen Getuigenis, die eveneens aan het ongerepte Bijbelwoord de hoogste historische waarde toekent, maar de geschiedenis van het Oude Testament slechts ziet als Vorstufe voor die van het Nieuwe Testament.

Voor vele schrijvers houdt de geschiedenis van het volk Israël op met den val van den eersten Tempel en de Babylonische overheersching in 586 vóór d.g.j. (zoo Kittel en Noordtzij), voor anderen loopt zij door tot den val van den tweeden Tempel en de verwoesting van Jeruzalem door Titus in 70 na d.g.j. (zoo Sellin). Voor de Joodsche gesclüeó^duijvers houdt ook dan de geschiedenis der Joden nog niet op. Ze vormden weliswaar geen eigen Staat, woonden niet meer op eigen territorium, maar er is een combinatie van momenten, die allen — hoe verstrooid ze ook sedert den val van den Joodschen Staat mogen zijn — bindt, al treedt bij de eene groep het eene moment wat sterker op den voorgrond dan bij de andere. Er is toch voor allen het gelijke verleden als volk, de nationale band, de gelijke godsdiénst, de eigen Hebreeuwsche taal.

Het spreekt van zelf, dat het schrijven eener geschiedenis der Joden in de Diaspora gedurende de eeuwen na het jaar 70 tot heden een buitengewoon moeielijk werk is. In zijn geheel is het in de negentiende eeuw maar tweemaal beproefd. Eén keer door I. M. Jost in Frankfort a.d. M. Zijn twaalfdeelige Geschichte der Israeliten (1820—1847) is met een verkillende objectiviteit bewerkt, die het meer een kronijk, dan een warmte uitstralend geschiedverhaal doet zijn. Het tweede werk is Heinrich Graetz Geschichte der Juden in elf deelen, met groote bezieling en in meesleependen stijl geschreven. Hoewel er door speciale publicaties, onderzoekingen

Sluiten