Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

— 157 —

duitsche Joodsche gemeente te Amsterdam (Amsterdam 1917) blz. 12.

7) Sluys, De oudste Synagogen der Hoogduitsch-Joodsche gemeente te Amsterdam (Amsterdam 1921) blz. 14 vgl.

•) Deze brieven zijn in afschrift bewaard gebleven in het handschrift ter Secretarie der Hoofdsynagoge getiteld „Tifereth Bachoeriem" waaraan ook de door Maarsen gepubliceerde brieven zijn ontleend. R. Mozes Ribkes de bekende auteur van het in Amsterdam voor het eerst verschenen werk . . . n?\Jn "ttQ, vertoefde hier van 1655 tot ongeveer 1666 en leefde er in de armelijkste omstandigheden.

•) Zie art. 2 van het Reglement voor de vereenigde drie gemeenten af gedrukt in „De Synagoge der Port. Isr. Gemeente" door D. H. de Castro Mzn. (Amsterdam 1875) en voorts Sluys, Beelden uit het leven der Hoogduitsch Joodsche gemeente te Amsterdam in het begin der 18de eeuw (Amsterdam 1925) blz. 8.

") Sluys, Beelden enz. blz. 9 vlg.

u) Sluys, De ambtsdata enz. blz. 18.

") Ter aanvulling van de aan hem gewijde noot in Sluys, De oudste Synagogen enz. blz. 17/18 zij hier opgemerkt, dat J. Fischer te Kopenhagen blijkens mededeeling aan S. Seeligmann zijn graf heeft ontdekt op de Joodsche begraafplaats te Glückstadt. Het grafschrift luidt:

QTIDDON p"pT D"TS ViV\ TDTI

a?vm rvn irn tti a*rDK TJ umpn p cpv "nmo awn n""o "fru aDrvï p*o ma tabwH "pm

Blijkens dit grafschrift is hij geboren 16 September 1621 en overleden 30 Maart 1702.

Dat zijn functie van Parnassijn te Amsterdam door zijn nagelaten betrekkingen van groote beteekenis werd geacht, blijkt mede uit bovenstaand grafschrift. 1S) R. Jitschak Dekingen en diens ambtsvoorganger R. Abraham ben Josua (Worms).

14) Deze was in 1669 te Amsterdam gekomen met de Jesiba de Los Pintos. Uit den brief blijkt, dat hij ook hier als lid van het BethDin met den titel Haham heeft gefungeerd. Hij vertrok in 1674 uit Amsterdam naar Curacao waar hij als Haham was beroepen (J. S. da Silva Rosa, Geschiedenis der Portugeesche Joden te Amsterdam, Amsterdam 1925, blz. 78).

M) Sluys, De ambtsdata enz. blz. 13. — Zie ook de bijdrage van I. Maarsen in dezen bundel, blz. 28 vlg.

Sluiten