Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

radergeschikt.Zoowas de verhouding ook nog in 1342, ah Willem IV het groote privilege aan Amsterdam schenkt: ook in deze oorkonde hebben alleen schout en schepenen het recht keuren met dwingende rechtskracht uit te vaardigen °fn °£ kort daana nebberi de raden wel iets meer'

gedaan dan de gewapende burgerij aan te voeren; de bekende jurist.Philips van Leyden kent hun omstreeks het midden der veertiende eeuw de voogdij der weezen en de zorg voor de beveiliging der stad toe; zij zijn dus weesmeesters en vestmeesters, mogelijk wel reeds poortmeesters. Hun namen kennen wij sedert 1343.

In de tweede helft der veertiende eeuw is de macht der raden snel en onweerstaanbaar toegenomen. Meer en meer werden de raden de „gesellen van de scepene", „poirters L l!CfPene -te rade nemen" Wij kennen de phases van die ontwikkeling niet; wij weten wel, dat in dezen staatsrechterlijken strijd schepenen het onderspit hebben gedolven; zij hebben zich met de rechtspraak moeten vergenoegen, terwijl de adrninistratie, dan ook het bestuur in handen kwam van de raden Wij mogen aannemen, dat schepenen oorspronkelijk^ ook de raden zullen hebben benoemd. Is dat zoo, dan heeft het pnvüege van Albrecht van 1400 daaraan een einde gemaakt. Deze handvest bepaalde, dat de raden zouden worden benoemd door den zoogenaamden oud-raad, het college van schepenen, oud-schepenen, raden en oud-radende verkiezing zou plaats hebben telken jare op Vrouwenavond, dus op 1 Februari. Het zoo samengestelde college koos Ta1%™^^? ass"meerden zich daarna een vierde uit de aftredende dignitarissen. Dit privilege heeft bijna vier eeuwen lang de verkiezing van burgemeesteren van Amsterdam beheerscht. Het is daarom dan ook van groote beteekenis.

Ook nog om een andere reden. Door dit privilege was de benoerning van het meest invlofedrijke regeeringscollege onttrokken zoowel aan de vroedschap als aan den graaf of zijn stadhouder. Daarop berustte nog veel later de macht van" burgemeesteren van Amsterdam; daardoor konden zij zoo goed als vrijmachtig over de stad beschikken; daardoor ook konden zi, m de dagen der republiek zulk een sterke hand hebben zoowel m de Staten van Holland als in de Staten-

39

Sluiten