Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

heeft gevierd in de 17e eeuw en waarvan wij den terugslag weer vinden in de Haagsche en Amsterdamsche school, ons aan te passen aan de gelikte, weeke en geaffecteerde voorstellingen van de meesten der romantici. Alleen door ons te verplaatsen in hun omgeving en in de sfeer van. hun tijd, zal het ons mogelijk zijn een onbevangen Oordeel te vormen ten opzichte van hun cultuur, in verband dus met de geestesrichting van hun tijd:

In dat verband wekt het geen bevreemding, dat Ary Scheffer in 1844 naar Holland terugkeerde als een beroemd man.

Holland bood voor de romantiek allerminst een vruchtbaren bodem- België, als Katholiek land, stond dichter bij Frankrijk. Zijn schilders waren uiteraard, vooral in opvatting van hun bijbelsche voorstellingen, meer gebonden aan een traditie. Hun werk vond zijn geëigende besteniming in de Katholieke kerken.

Een nieuwe geestesstroom komt dan ook al spoedig het romantisme in Nederland verfrisschen. Niet alleen aan de geschiedenis van lang vervlogen tijden en aan die van den bijbel of aan de epiek, maar ook aan de herinneringen van het eigen verleden en uit de waarneming van het dagelijksch gedoê hunner eigen omgeving ontleenden Huib van Hove, Charles Rochussen en Johannes Stroebei hun onderwerpen. Gedreven door de studie der oude meesters uit den bloeitijd van ons eigen rijk verleden, ontwaakte in hen weer de lust tot rijker kleur en warmer hcht, tot leven en beweging, tot forscher toets en dieper innerlijkheid.

Tot die groep, waartoe o.m. ook Herman ten Kate, Hendrik van Trigt en Simon Thomas Gooi moeten worden gerekend, behoort in zijn begintijd ook Jozef Israëls. Jozef Israëls, die, als leerling van Jan Willem Pieneman en Jan Adam Kruseman, later te Parijs onder leiding van Picot, tijdgenoot der romantici, van al die stroomingen den invloed had ondergaan, maar, als het genie van zijn tijd, zich door al die phasen een eigen weg zal banen, die een omwenteling te weeg zal brengen in de schilderkunst, in welke weer trilling zal zijn van hcht en warmte van innerlijk leven.

Met meer recht dan de tijdgenooten van Jan Willem Pieneman na den dood van dezen meester, zullen — na korten tijd — wij van Jozef Israëls mogen getuigen: zijn naam blijft voor

142

Sluiten