Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Art. 2. 2°. het door het centraal stembureau aan den benoemde

gezonden bericht van ontvangst zijner mededeeling, dat hij zijne benoeming aanneemt.

Behalve deze stukken, welke den geloofsbrief uitmaken (art. 129 Kieswet) is overlegging vereischt van:

3°. een uittreksel uit de geboorteregisters, bij gemis daarvan, eene akte van bekendheid (zie art. 127 B.W.), waaruit tijd en plaats van geboorte van den benoemde blijken;x)

4°. eene door den benoemde af te geven verklaring, vermeldende alle openbare betrekkingen, die hij bekleedt.2)

Het overleggen dezer verklaring is voorgeschreven opdat kan worden vastgesteld, dat de benoemde geen met het lidmaatschap der Kamer onvereenigbare betrekking bekleedt (art. 97 G.W.).

Voor deze verklaring is geen formulier voorgeschreven. De gebruikelijke redactie is: „Ondergeteekende verklaart

geen andere openbare betrekkingen te bekleeden dan

.... enz." Hoewel eene verklaring als de volgende: „De ondergeteekende verklaart de volgende openbare betrekkingen te bekleeden: enz." nimmer als onvoldoende is beschouwd, mag eerstvermelde toch als juister worden aangemerkt, daar uit de laatste niet blijkt, dat de daarin vermelde alle openbare betrekkingen zijn, welke bekleed worden.8) In 1862 werd bepaald niet geldig geacht de verklaring, door een lid overgelegd „dat hij geene betrekking bekleedt strijdig met het lidmaatschap der StatenGeneraal". Men grondde de ongeldigheid hierop, dat de benoemde volgens de bepalingen der Kieswet verplicht is de openbare betrekkingen op te geven, en dat het niet aan hem, maar aan de Kamer staat te beslissen, of die betrekkingen al of niet vereenigbaar zijn met het lidmaatschap. Het bedoelde lid werd eerst toegelaten nadat hij eene andere verklaring had overgelegd.4)

Bekleedt een benoemd lid geen openbare betrekkingen, dan wordt de overlegging gevorderd van eene verklaring in

!) Deze stukken behoeven niet gezegeld te zijn (Zegelwet 1917, art. 32).

2) Ook deze verklaring kan op ongezegeld papier worden gesteld.

s) Hand. 1894, blz. 5.

4) Hand. 1862—63, blz. 6 en 369.

194

Sluiten