Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

27

Art. 23.

algemeene vergadering, aan de statuten worden overgelaten; alleen is het gewenscht, dat bij een klein aantal leden geen ledenraad wordt ingesteld; van daar dat het ontwerp de instelling en handhaving van zulk een raad slechts toelaat, wanneer de vereeniging meer dan 200 leden telt." M. v. T.

2- a. „Deze bepaling sluit leden, niet tot den ledenraad behoorende, imperatief van bijwoning der algemeene vergadering, voor. zoover de ledenraad als zoodanig optreedt, uit. Hiertegen bestond bij sommige leden bezwaar. V. V.

b. „Dat, zoo een ledenraad bestaat, leden die daartoe niet behooren, geen deel zullen uitmaken van de algemeene vergadering, schijnt vanzelfsprekend. Van eene uitsluiting dier leden van de bijwoning der algemeene vergadering is in dit artikel geen sprake. De statuten kunnen daarover voorschriften geven." M. v. A.

Tweede lid.

3. Naar aanleiding van de in de Eerste Kamer gedane vraag of eventueel een lid van den ledenraad bij enkele candidaatstelling zou kunnen worden gekozen zeide de Minister: „Het komt mij voor, dat hier een groote vrijheid aan de vereeniging gelaten wordt om, mits maar de bepaling van het eerste lid wordt in acht genomen, de wijze van verkiezing bij de statuten te regelen. Het zal altijd moeten blijken, dat het werkelijk een verkiezing is door de leden, maar er is hier een groote vrijheid gelaten aan de vereeniging om de wijze van verkiezing in haar statuten te regelen." Min. v. Just. Hand. Ie K. p. 884.

4. „Het artikel eischt regeling bij de statuten. Nu kan misschien in een bepaald geval blijken, dat iets nader geregeld zou kunnen worden bij het huishoudelijk reglement op de basis van de statutenregeling, maar men zal daarmede toch uiterst voorzichtig moeten zijn, want men zou zich anders wel eens aan nietigheid van den ledenraad en aan het voeren van een proces in verband daarmede kunnen blootstellen. Het zou dan de rechter moeten zijn, die het uitmaakt." Min. v. Just. t. a. p.

5. „Als de ledenraad ontbonden is, dan kan hij niet weer herleven door het klimmen van het aantal leden; dan zal men een nieuwen ledenraad moeten kiezen." Min. v. Just. t. a. p.

Artikel 23.

Tenzij de statuten anders bepalen, treden de voorzitter en de secretaris van het bestuur, of hunne vervangers, als zoodanig ook op bij de algemeene vergadering.

Sluiten