Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

goeden kijk had op zijn menschen. Het Drentsche onderwijs is veel aan hem verschuldigd. — Het toelatingsexamen van Schuiling verliep naar wensch; de beurs werd verkregen. Dr. Nassau had zooveel belangstelling gekregen in den jarigen examinandus, dat hij dezen in latere jaren herhaaldelijk met raad en daad ter zijde bleef staan.

Op zeventienjarigen leeftijd deed de kweekeling mede aan de beantwoording van een historische prijsvraag (voor alle onderwijzers in Drente), waarvoor hij den eersten prijs uit de handen van Dr. Nassau mocht ontvangen.

Den volgenden winter (1871—'72) werd hij — daartoe als beurskweekeling verplicht •— aangewezen om als „hoofd" de zorg op zich te nemen van een, alleen 's winters bevolkt, éénmansschooltje te Doldersum (gemeente Vledder). Als 't lichte maan was kwam de dominee uit Vledder er preeken en dan moest Schuiling voorzingen. Dat was heusch geen straf voor hem, integendeel. Hij richtte in Doldersum een zangschool op. Uit dankbaarheid schonk men den jongen leider bij het heengaan een gouden ring. — Ook later heeft Schuiling veel gezongen. In Deventer is hij 15 jaren voorzitter van het Gemengd Koor geweest.

Merkwaardig was, dat het dorp bijna geheel aan twee heeren behoorde, twee zwagers. In het huis van een hunner, den heer Offrijns, woonde de schoolmeester. Een prachtverblijf voor den jongen man. 's Zondags reed hy in de met keurige paarden bespannen koets ter kerke. Alles wel geschikt om de ijdelheid van een jongmensen te streelen. Maar verder had zoo'n leerschool ook veel moeilijks. In ieder geval was het zeer nuttig. Men leerde op deze wijze zelfstandig op te treden.

Na zijn onderwijzersexamen werd Schuiling om te beginnen onderwijzer te Meppel aan de school van den Directeur der Normaallessen, om dan al spoedig als onderwijzer over te gaan naar Groningen, het middelpunt van het geestelijk leven in de Noordelijke provinciën. Hoewel hij nog geen tweejarige onderwijspraktijk had, zooals was voorgeschreven, deed bij — Dr. Nassau, ook lid der examencommissie, die het wel wist, was juist gestorven — toch mede aan het toelatingsexamen voor den vervolgcursus aan de Rijkskweekschool te Groningen. Vroeger waren er meer van dit soort vervolgopleidingen, maar in deze jaren was alleen de Groningsche nog blijven bestaan. Er was plaats voor vijftien cursisten, waarvan de tien eersten der ranglijst een rijksbeurs kregen. De nummers 11—15 van de ranglijst mochten op eigen kosten den cursus volgen. Aangezien Schuiling slaagde als no. 2, werd hij dus niet alleen toegelaten, maar verwierf zich ook een beurs. 2

2

Sluiten