Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

119

C. Ambtsverrichtingen en Bevoegdheden der Nederlandsche Consulaire Ambtenaren.

Het ligt niet op onzen weg hier eene uitvoerige beschrijving te geven van den consulairen werkkring. Ons plan is slechts eenige der belangrijkste en meer in het oog loopende ambtsverrichtingen en bemoeiingen der consulaire ambtenaren aan te stippen, in het bijzonder die, welke in China meer op den voorgrond treden dan elders als het gevolg van de in dat land heerschende buitengewone politieke en economische toestanden. Deze wijze van behandeling verklaart de lacunes die men zonder twijfel in de in dit hoofdstuk behandelde stof zal aantreffen.

Allereerst eenige opmerkingen over

§ 1. De Functies en Bemoeiingen der Consulaire Ambtenaren.

Deze zijn geregeld bij wetten, Koninklijke Besluiten en bij instructies van den Minister van Buitenlandsche Zaken, waaronder in de eerste plaats behoort genoemd te worden het Besluit van 23 Maart 1925, (Stbl. No. 110) houdende het Consulaire Reglement, waaruit wij reeds hierboven eenige artikelen aanhaalden. Dit Besluit legt in Artikel 44 neer, dat de consulaire ambtenaren hunne functie uitoefenen overeenkomstig de voorschriften door den Minister van Buitenlandsche Zaken verstrekt of te verstrekken. Het hieraan voorafgaande artikel 43 beschrijft de plichten uitvoeriger door te bepalen, dat de bedoelde ambtenaren zijn belast met de administratieve handelingen, hun door den Minister opgedragen en meer in het bijzonder met de bevordering van den Nederlandschen handel, nijverheid, landbouw en scheepvaart, alsmede met de behartiging van de belangen van de Nederlandsche onderdanen en schepen, welke zich in hunnen ambtskring bevinden, voor zoover de wetten, de tractaten en gebruiken van het land hunner vestiging die behartiging toelaten.

De consulaire ambtenaar is dus meer in het bijzonder handelsagent. Maar de Staat der Nederlanden heeft den consul nog verscheidene andere werkzaamheden en plichten opgedragen, welke van groot belang zijn voor Nederlanders in den vreemde. De consul is immers tegelijker tijd ambtenaar van den burgerlijken stand, notaris, en in sommige plaatsen rechter, welke functies volgens speciale wetten en voorschriften door hem uitgeoefend worden.

Sluiten