Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

129

„geving" bestaat niet, ingeving wel, uitgeving niet. Doch uitgave, ook gave. Men zegt: in overeenstemming met uw beginselen, maar niet: overeenstemmig, doch wel: overeenkomstig, en niet: in overeenkomst. Zoo zou men kunnen doorgaan. En wie het bovenstaande, het taalgebruik in het algemeen, zou willen herzien op de basis van „analogie" en „raisonnement", kreeg het voorzeker met alle puristen aan den stok. Zoogenaamd zuiver Hollandsch is door en door onzuiver en met „zuiver" bedoelt men dan ook eenvoudig: gebruikelijk. Het merkwaardige is echter, dat men zich altijd tracht te beroepen op „analogie" en „raisonnement" of wel esthetiek. Zoo maakte zich onlangs een tooneelcriticus ernstig boos, omdat een actrice „ik ben wanhopend" had gezegd. Hij riep zoowaar zelfs de „taalmuze" aan: Men zegt toch ook niet „buiend", dames en heer en, men zegt „buiig", dus voortaan „wanhopig". En zoo ging dat, met de noodige ophef, nog een poosje door. Maar ten eerste bestaat bier geen analogie en ten tweede is analogie nooit een maatstaf. Want „wanhopend" is een als onvoltooid deelwoord zuiver gevormd woord, terwijl „buiend" niet kan bestaan, omdat „buien" geen werkwoord is. En verder zegt men niet „ik ben verlangig" maar „ik ben verlangend", ofschoon weer wel „begeerig" en niet „begeerend", maar weer niet „bevig", doch wel „bevend", zoodat „ik ben wanhopend" allerminst „onzuiver" en alleen maar toevalligerwijze ongebruikelijk is. Gelijk gezegd is de aangetoonde verwarring het resultaat van het eeuwenlange wildweg grasduinen van puristen van het slag van Vaugelas, der inwerkingen van nationalisme, aristocratisme, clericalisme, terwijl de eene groep zich evenveel om het doen van de andere bekommerde als in een „welgeordenden Staat" de verschillende departementen om eikaars bemoeiingen. En niet alleen deze taal, maar elke taal is op die manier ontstaan, want altijd dezelfde dingen hebben zich laten gelden in de taalvorming, en in de taalexaltatie — reeds de Joden noemden hun taal „Losjoun Hakoudesj" — voorzoover de menschelijke heugenis reikt. En te denken, dat er menschen zijn, die staande houden

9 129

Sluiten