Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

37

doorvoering van een verouderd stelsel, het liberalisme.

De kolonie der Internationale Broederschap wil ik nu besluiten met de opname van de brief van S. C. Kylstra:

MAKKERS,

De toestand van onze kolonie is ernstig. Als een plant steeds moet missen het licht van de levenmakende zon is langzaam sterven z'n deel. Wij leven in 'n nacht van twijfel en van ongeloof en kunnen zoo niet langer voort. Maandagavond toen de Koe z'n besluit om ons te verlaten meedeelde, kwam m'n eigen gevoel van teleurstelling, waarmee ik zoo lang al kampte, bruusk omhoog en moest zich uiten. Daarna onder den invloed van allerlei gesprekken waarbij vooral ook eenig nieuw licht op de meestal te zeer gewraakte houding van sommige makkers, voelde ik me gedwongen ernstig te overwegen of werkelijk de zaak hopeloos stond en daarna of wel inderdaad alles beproefd was om onze kolonie te doen slagen.

Ik moest bekennen dat dit laatste niet gebeurd is. Reeds in 't voorjaar van 't jaar dat nu zoo goed als op is, wisten wij elkaar te zeggen, dat het ons op alle punten van ons gemeenschapsleven aan regel ontbrak, en dat deze ordeloosheid als 'n voorname oorzaak moest worden aangemerkt van ons ongezellig leven van rumoer en onvrede.

Welnu, een ernstige poging om 'n regel te scheppen die tot in z'n onderdeelen ons gemeenschapsleven beheerscht is nooit gedaan, door niet een van ons. We hebben gewoonlijk volstaan met elkander scherp te critiseeren wat in den regel verre van opbouwend was en het gebrek aan harmonie verergerde. Rfv. -

Ik noodig U uit met mij nu nog eerlijk en ernstig zulk 'n poging te doen, verplicht als we daartoe zijn tegenover de menschen in 't algemeen, die niet buiten den invloed staan van ons doen, en tegenover de zedelijke overtuiging, waaruit onze kolonie voortkwam (d.i. tegenover God) want hij is de bron waaruit zulke overtuiging voedsel trekt) en tegenover onszelven.

Ik geef hier een regel zooals ik me voorstel dat hij ongeveer zal moeten zijn, en waarover ik voorstel een avond samen te overleggen, nadat ieder van U voor ernstig over! wogen heeft in hoeverre ik goed of slecht geschreven heb.

Sluiten