Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

38

sieloozen en israelieten vervalt de inzegening vanzelf) zijn dus in het crematorium ingezegend. Merkwaardig is nog, dat 1200 lijken waren van personen, die niet tot een vereeniging voor lijkverbranding behoorden. Reeds in het tweede bedrijfsj aar heeft het Weener crematorium van de 150 crematoria in Europa tot de drukst gebruikte behoord. Het kwam dadehjk na Berlijn, Leipzig, Dresden en Praag. In 1924 werd reeds een tweede oven gebouwd.

Is de Verein der Freunde der Feuerbestattung dankbaar, voldaan is hij nog aUerminst en hij zet den strijd nog moedig voort. Aangezien de ervaring heeft geleerd, dat één crematorium voor een bevolking van 1 rnilhoen voldoet, moeten er 6 crematoria in Oostenrijk komen. Linz en Graz zijn het eerst aan de beurt.

De beweging neemt in de Oostenrijksche provincies zienderoogen toe en men tracht deze door onvermoeide propaganda nog eiken dag aan te wakkeren. Aan propaganda door geschrift en lezing hecht men daar groote waarde. Als zeer gunstig teeken wordt opgevat, dat de arbeiders voor de zaak voelen. De arbeidersvereeniging voor lijkverbranding groeit verrassend snel.

Mede deed zeer goed werk de verzekeringskas der Vereeniging, die na het betalen van een kleine premie gedurende twee jaar reeds een volledige crematie waarborgt.

Ten slotte nemen we nog de laatste woorden van het Gedenkschrift met groote sympathie over:

Van een klein hoopje voorstanders is thans na 40 jaar een aanzienlijk gedeelte der Oostenrijksche bevolking gegroeid, dat zich voor ons verklaart en het aantal onzer aanhangers neemt met den dag toe. Voor hen hebben wij in het verleden gestreden, voor hen werken wij heden en voor hen zullen wij in de toekomst zegevieren!

Zwitserland.

Naar verhouding staat Zwitserland bovenaan in de practische toepassing der lijkverassching. We zagen, dat één crematorium voldoende wordt geacht op een 1.000.000 menschen. Welnu, het kleine Zwitserland heeft 18 crematoria en het zou dus kunnen voorzien in de behoefte voor een bevolking van 18 millioen menschen. Het is voorzeker de grondschaarschte in Zwitserland, welke noopte tot een zoo groot mogelijke besparing van kerkhof terrein. Het 18e crematorium te Solothurn kwam onlangs gereed en voor een 19e, te Hinwil, worden ernstige plannen gemaakt.

Prof. Scheitlin is feitelijk de eerste geweest, die Zwitserland op de lijkverassching wees in zijn reeds in 1842 verschenen boekje Pankraz Tobler. Ter herinnering hieraan heeft zijn borstbeeld een plaats gekregen in de nieuwe urnenhal van St. Gallen. De 18 crematoria (we zetten telkens achter den naam den datum van oprichting) zijn: Zürich (9 November 1889), Basel (15 Januari 1898), Genève (8 Maart 1903), St. Gallen (8 Februari 1903), Bern (19 October 1908), Lausanne (13 Mei 1909), Chaux-de-Fonds (11 November 1909), Winterthur (15 Januari 1911), Biel (30 November 1911) Aarau (2 Juni 1912), Davos (7 Januari 1914), Schaffhausen (12 November 1914), Lugano (13 Mei 1916), Olten (1 Augustus 1918), Chur (24 September 1922), Neuchatel

Sluiten